Maandag H. Filippus Neri, pr.

Overweging
Aan Filippi bewaart Paulus ondanks vele tegenkanting (zie morgen) de beste herinneringen. Zijn brief aan de gemeente van Filippi heeft niet de gebruikelijke en soms scherpe terechtwijzingen (cfr. 1 en 2 Kor),maar loopt over van waardering en sympathie. Durven ook wij beloven dat God het eerste en het laatste woord heeft bij alles wat ons overkomt ?

EERSTE LEZING                                                     Hand. 16, 11-15
De Heer maakt het hart van een godvrezende vrouw ontvankelijk voor wat door Paulus gezegd werd.

Uit de Handelingen van de Apostelen

Wij – Paulus en Silas –
voeren af van Troas en koersten eerst naar Samotrake,
de volgende dag naar Neapolis
en vandaar naar Filippi,
een stad in het eerste district van Macedonië en een kolonie.
In die stad bleven we enkele dagen.
Op de sabbat begaven we ons buiten de poort
naar de rivieroever, waar we dachten dat een bedehuis was.
Wij zetten ons neer
en spraken de vrouwen toe die er bijeengekomen waren.
Ook een zekere Lydia hoorde toe,
die uit de stad Tyatira kwam
en purperen stoffen verkocht.
Zij was een godvrezende
en de Heer maakte haar hart ontvankelijk
voor wat door Paulus gezegd werd.
Nadat zij en haar huisgenoten gedoopt waren
nodigde ze ons uit en zei :
“Als ge van oordeel zijt
dat ik werkelijk in de Heer geloof,
komt dan in mijn huis
en neemt daar uw intrek.”
En zij drong er bij ons sterk op aan.

TUSSENZANG                                                           Ps. 149, 1-2, 3-4, 5-6a, 9b

Onze Heer, die zijn volk bemint,
omkranst de verdrukte met zegekransen.

Zingt voor de Heer een nieuw gezang,
zijn lof weerklinke te midden der zijnen.
Israël juiche zijn Schepper toe,
laat Sions zonen hun koning begroeten.

Looft zijn Naam in een heilige dans,
bespeelt voor Hem harp en citer.
Want onze Heer, die zijn volk bemint,
omkranst de verdrukte met zegekransen.

Jubelt dus, heiligen, om uw triomf,
viert feest in uw legerplaatsen.
Gaat met het lied van God in uw mond,
een taak die zijn vromen tot eer strekt.

ALLELUIA

Alleluia
Christus stond op uit het graf,
Hij die voor ons stierf op een kruis.
Alleluia.

EVANGELIE                                                            Joh. 15, 26-16, 4a
De Geest der waarheid zal over Mij getuigenis afleggen.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Johannes

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen :
“Wanneer de Helper komt
die Ik u van de Vader zal zenden,
de Geest der waarheid die van de Vader uitgaat,
zal Hij over Mij getuigenis afleggen.
“Maar ook gij moet getuigen,
want vanaf het begin zijt gij bij Mij.
“Dit heb Ik u gezegd opdat gij niet ten val komt.
“Zij zullen u uit de synagoge bannen.
“Ja, er komt een tijd
dat ieder die u doodt zal menen
een daad van godsverering te stellen.
“Zij zullen dat doen
omdat zij noch de Vader noch Mij erkend hebben.
“Dit heb Ik u gezegd
opdat, wanneer de tijd hiervan aanbreekt,
gij u zoudt herinneren dat Ik het u gezegd heb.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

 

 

 

Gepubliceerd door leopardoel

I am a 90-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: