Vrijdag in de vierendertigste week van het jaar

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
Vandaag beluisteren we weer een moeilijke tekst, die alleen verstaanbaar wordt wanneer we rekening houden met de eigenheid van het apocalyptische genre. De diepste zin van de tekst komt hier op neer, dat door alle wisselvalligheden heen – ook deze van de kerkelijke geschiedenis – de overwinning van Jezus onherroepelijk zal zijn. Elke tijd, ook de onze, wordt ten diepste bepaald door een centraal gebeuren: de dood en verrijzenis van de Heer. Daardoor krijgt het leven haar diepste zin en toekomst.

EERSTE LEZING                                               Apok. 20, 1-4.11-21, 2
De doden werden geoordeeld naar hun daden.
Ik zag de heilige Stad, Jeruzalem, uit de hemel neerdalen.

Uit de openbaring van de heilige apostel Johannes

Ik, Johannes, zag een engel uit de hemel neerdalen
met de sleutel van de Afgrond
en een grote ketting in zijn hand.
En hij greep de Draak, de oude Slang
– dat is de Duivel, de Satan –
en hij boeide hem voor duizend jaren,
en hij wierp hem in de Afgrond
die hij grendelde en verzegelde boven zijn hoofd,
opdat hij de volkeren niet meer zou verleiden
voordat de duizend jaren voorbij waren.
Daarna moet hij voor een korte tijd worden losgelaten.
En ik zag tronen
en zij namen daarop plaats
en hun werd het oordeel gegeven.
Ik zag de zielen van hen die onthoofd waren
om het getuigenis van Jezus en het woord van God,
die het Beest en zijn beeld niet hadden aanbeden
en het merkteken niet hadden aangenomen
op hun voorhoofd en hun hand.
En zij werden weer levend en heersten met Christus
duizend jaren lang.

Toen zag ik een grote, witte troon
en Hem die daarop gezeten is.
De aarde en de hemel vluchtten weg van zijn aanschijn
en hun plaats werd niet meer gevonden.
En ik kon de doden, groot en klein, voor de troon zien staan.
En de boeken werden geopend.
Nog een ander boek werd geopend,
het boek des levens.
En de doden werden geoordeeld naar hun daden
zoals die in de boeken beschreven stonden.
En de zee gaf haar doden terug,
en de dood en de onderwereld gaven hun doden terug
en zij werden geoordeeld,
eenieder naar zijn daden.
Toen werden dood en onderwereld in de vuurpoel geworpen.
Dit is de tweede dood, de poel van vuur.
En ieder wiens naam niet stond in het boek des levens,
werd geworpen in de poel van het vuur.

En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde ;
de eerste hemel en de eerste aarde waren verdwenen
en de zee bestond niet meer.
En ik zag de heilige Stad, het nieuwe Jeruzalem
van God uit de hemel neerdalen,
schoon als een bruid die zich voor haar man heeft getooid.

TUSSENZANG                            Ps. 84(83), 3, 4, 5-6a, 8a

Zie hier Gods woning onder de mensen !
(Apok. 21, 3b)

Mijn ziel verlangt en hunkert naar uw heiligdom.
Mijn hart en heel mijn wezen
gaan juichend uit naar U, de God die leeft.

Want zelfs de mussen vinden wel een schuilplaats,
de zwaluwen een nestje voor hun broed ;
voor mij is dat uw altaar, Heer der hemelmachten,
mijn koning en mijn God !

Gelukkig zij, die wonen in uw huis, o Heer,
die U daar altijd mogen prijzen.
Gelukkig die op U mag steunen,
hij zal zijn weg vervolgen met hernieuwde kracht.

ALLELUIA                                                   Joh. 14, 5L

Alleluia.
Ik ben de weg, de waarheid en het leven, zegt de Heer ;
niemand komt tot de Vader tenzij door Mij.
Alleluia.

EVANGELIE                                                    Lc. 21, 29-33
Wanneer ge al deze dingen ziet
weet dan dat het Rijk Gods nabij is.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Lucas

In die tijd maakte Jezus een vergelijking
en zei tot zijn leerlingen :
“Kijkt naar de vijgeboom en naar alle andere bomen :
zodra ze uitlopen weet ge vanzelf als ge dat ziet,
dat de zomer in aantocht is.
“Zo ook, wanneer ge al deze dingen ziet
weet dan dat het Rijk Gods nabij is.
“Voorwaar, Ik zeg u :
dit geslacht zal niet voorbijgaan vóór dit alles geschied is.
“Hemel en aarde zullen voorbijgaan
maar mijn woorden zullen niet voorbij gaan.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands BijbelgenootschDe bijbeltekstap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Gepubliceerd door leopardoel

I am an 89-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: