Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging

Paulus is de stichter van de gemeente in Korinte. Daarom is hij hun geestelijke vader. Toch is er een geweldig contrast tussen de zelfvoldane houding van de Korintiërs en het leven van de apostel. Vanuit de verantwoordelijkheid voor zijn gemeenschap gispt Paulus hun verwaande houding. De zelfgenoegzaamheid staat in tegenstelling tot wat het Evangelie van de gelovige vraagt. Laten we nooit vergeten dat we geen leerling van Jezus kunnen zijn wanneer we niet klein worden: ‘zalig de armen van geest…’,klinkt het elders.

EERSTE LEZING                                               I Kor. 4, 6-15

Wij lijden honger en dorst en zijn naakt.

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen
van Korinte

Broeders en zusters,

Deze uiteenzetting over mij en Apollos
is bedoeld als een les voor u.
Van ons moet gij leren
niet uit te gaan boven hetgeen geschreven staat ;
dan zal niemand van u zich nog opwinden
om de ene persoon te verheerlijken ten koste van de andere.

Trouwens vriend, wie vindt jou zo belangrijk ?
Wat heb je dat je niet gekregen hebt ?
En als je alles cadeau gekregen hebt,
waarom die drukte alsof alles van jouzelf kwam ?
Gij zijt blijkbaar al verzadigd,
gij zijt al rijk, gij regeert reeds zonder ons !
Ach was het maar waar,
dan mochten wij misschien wel delen in uw koningschap !
Want ons, apostelen, heeft God, dunkt mij,
de minste plaats aangewezen : die van ter dood veroordeelden.
Wij zijn een schouwspel geworden voor heel de wereld,
voor engelen en voor mensen :
wij zijn dwaas terwille van Christus,
gij zijt zo verstandig in Christus ;
wij zijn zwak, gij sterk ;
gij geëerd, wij geminacht.
Tot op dit ogenblik lijden wij honger en dorst,
zijn wij naakt en krijgen wij slagen,
zijn wij dakloos en matten ons af met handenarbeid.
Worden wij beschimpt, wij zegenen ;
worden wij vervolgd, wij dulden het ;
smaad beantwoorden wij met minzaamheid.
Tot nu toe worden wij behandeld als het schuim der aarde,
als het uitvaagsel van de maatschappij.

Dit schrijf ik niet om u beschaamd te maken
maar om u terecht te wijzen als mijn dierbare kinderen.
Want al hadt gij in Christus duizend opvoeders,
gij hebt maar één vader.
Ik ben het die u door het evangelie
in Christus Jezus heb verwekt.

TUSSENZANG                                           Ps. 145(144), 17-18, 19-20, 21

Nabij is de Heer voor elk die Hem aanroept.

De Heer is rechtvaardig op al zijn wegen,
en heilig in al wat Hij doet.
Nabij is de Heer voor elk die Hem aanroept,
voor elk die oprecht tot Hem bidt.

De wensen van hen die Hem eren vervult Hij,
Hij hoort hun geroep en komt hen te hulp.
De Heer bewaart alwie Hem bemint,
maar ieder die kwaad doet verstoot Hij.

Mijn mond bezingt de lof van de Heer
en alles wat leeft prijze eeuwig zijn Naam.

ALLELUIA                                                           Joh. 17, 17b, a

Alleluia.
Uw woord is waarheid, Heer,
wijd ons U toe in de waarheid.
Alleluia.

EVANGELIE                                            Lc. 6, 1-5

Waarom doet ge iets dat op sabbat niet mag ?

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Lucas

Eens ging Jezus op een sabbat door de korenvelden
en om te eten plukten zijn leerlingen aren
die ze met hun handen uitwreven.
Sommige Farizeeën vroegen :
“Waarom doet ge iets wat op sabbat niet mag ?”
Jezus gaf hun ten antwoord :
“Hebt ge dan niet gelezen wat David deed
toen hij en zijn metgezellen honger kregen ?
“Hoe hij het huis van God binnenging,
de toonbroden nam en opat
en er ook van gaf aan zijn metgezellen,
terwijl toch alleen de priesters daarvan mogen eten ?”
En Hij voegde er aan toe :
“De Mensenzoon is de Heer van de sabbat.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.