Eenentwintigste zondag door het jaar

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven.

Openingswoord
Jezus stelt ons vandaag de vraag:
“Maar gij, wie zegt gij dat Ik ben?”
Wat zouden wij in Petrus’ plaats antwoorden?
Of wat zouden wij zeggen,
wanneer iemand ons zou vragen:
“Die Christus, wie is Hij toch voor jou?
Wat betekent Hij in jouw leven?”
Wat zou ons antwoord zijn?

Stellen ,wij onszelf af en toe deze vraag?
“Wie is die Jezus
die ons hier, vandaag, weer samenbrengt
om met Hem gemeenschap te vieren?”

EERSTE LEZING                  Jes. 22, 19-23

De sleutel van Davids huis zal Ik op zijn schouder leggen.

Uit de profeet Jesaja

Zo spreekt de Heer tot Shebna, de overste van het paleis:

“Ik zal u van uw post verjagen
en u stoten uit uw ambt.
“En dan zal Ik mijn dienaar roepen,
Eljakim, de zoon van Chilkia,
en hem bekleden met uw gewaad,
hem tooien met uw sjerp
en aan hem uw taak in handen geven.
“Hij zal een vader zijn
voor de bewoners van Jeruzalem
en voor het huis van Juda.
“De sleutel van Davids huis
zal Ik op zijn schouder leggen,
en als hij opendoet, zal niemand sluiten,
en als hij sluit, zal niemand opendoen.
“Ik zal hem vastslaan
als een spijker op een stevige plek,
en hij wordt een erezetel
voor het huis van zijn vader.”

Antwoordpsalm               Ps. 138(137), 1-2a, 2bc-3, 6 en 8bc

Keervers
Uw goedheid, Heer, blijft duren zonder einde.

U wil ik prijzen, Heer, uit heel mijn hart,
omdat Gij naar mijn bidden hebt geluisterd.
Te midden van de engelen zing ik voor U
en werp mij neer, gebogen naar uw tempel.

U prijs ik om uw goedheid en uw trouw,
want verder dan uw faam gaat, hebt Gij woord gehouden.
Verhoor mij elke dag dat ik U aanroep,
dan geeft Ge mij weer nieuwe kracht.

De Heer is de verhevene die let op de geringe,
maar op de trotse neerziet van omhoog.
Uw goedheid, Heer, blijft duren zonder einde:
vergeet het maaksel van uw handen niet.

TWEEDE LEZING                          Rom. 11, 33-36

Uit Hem en door Hem en voor Hem zijn alle dingen.

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

O onpeilbare rijkdom van Gods wijsheid en kennis !
Hoe ondoorgrondelijk zijn zijn beslissingen,
hoe onnaspeurlijk zijn wegen !
Wie kent de gedachte des Heren?
Wie is zijn raadsman geweest?
Wie kan vergoeding eisen
voor wat hij God heeft gegeven?
Want uit Hem en door Hem en voor Hem
zijn alle dingen.
Hem zij de glorie in eeuwigheid! Amen.

Vers voor het evangelie                   Mt. 16, 18

Alleluia.
Gij zijt Petrus
en op deze steenrots zal Ik mijn Kerk bouwen,
en de poorten der hel zullen haar niet overweldigen.
Alleluia.

EVANGELIE                        Mt. 16, 13 -20

Gij zijt Petrus, en Ik zal u de sleutels geven van het Rijk der hemelen.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Matteüs

In die tijd kwam Jezus in de streek van Caesarea van Filippus
en Hij stelde zijn leerlingen deze vraag:
“Wie is, volgens de opvatting van de mensen, de Mensenzoon ?”

Zij antwoordden:
“Sommigen zeggen Johannes de Doper, anderen Elia,
weer anderen Jeremia of een van de profeten.”

“Maar gij – sprak Hij tot hen -, wie zegt gij dat Ik ben?”

Simon Petrus antwoordde:
“Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God.”

Jezus hernam:
“Zalig zijt gij, Simon, zoon van Jona,
want niet vlees en bloed hebben u dit geopenbaard
maar mijn Vader die in de hemel is.
“Op mijn beurt zeg Ik u:
Gij zijt Petrus;
en op deze steenrots zal Ik mijn Kerk bouwen
en de poorten van de hel zullen haar niet overweldigen.
“Ik zal u de sleutels geven van het Rijk der hemelen
en wat gij zult binden op aarde
zal ook in de hemel gebonden zijn,
en wat gij zult ontbinden op aarde
zal ook in de hemel ontbonden zijn.”

Daarop verbood Hij zijn leerlingen nadrukkelijk
iemand te zeggen, dat Hij de Christus was.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de zondagen.

Gepubliceerd door leopardoel

I am an 89-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: