Negenentwintigste zondag door het jaar

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Openingswoord

Als we naar onze wereld kijken
kunnen we niet anders dan vaststellen
dat de macht dikwijls gebruikt wordt voor eigen voordeel.
Het is macht die anderen probeert klein te houden
en maakt tot een verlengstuk van zichzelf.
We horen vandaag hoe
in het Rijk Gods een andere logica telt:
‘Wie groot wil worden, moet dienaar en knecht zijn’.

Jezus nodigt ook ons tot
die weg van de kleine, nederige dienstbaarheid.
Laten we vragen dat Hij ons tegemoet komt
met zijn goedheid en erbarmen.

EERSTE LEZING                                                        Jes. 53, 10-11

Hij gaf zijn leven als zoenoffer maar Hij zal een nageslacht zien.

Uit de profeet Jesaja

De Heer heeft besloten zijn dienaar te vernederen
en hem te doen lijden.
Waarlijk, hij gaf zijn leven als zoenoffer
maar hij zal een nageslacht zien
en het raadsbesluit van de Heer komt door hem tot vervulling.
Na zijn lijden
zal hij het licht zien en verzadigd worden.
Door zijn zwoegen
zal mijn rechtvaardige dienaar velen rechtvaardigen.
Hij zal zich belasten met hun fouten.

Antwoordpsalm                            Ps. 33(32), 4-5, 18-19, 20 en 22

Keervers
Laat uw erbarmen, Heer, over ons dalen.

Oprecht is het woord van de Heer
en al wat Hij doet is betrouwbaar.
recht en gerechtigheid heeft Hij lief,
de aarde is vol van zijn mildheid.

Het oog van de Heer rust op hen die Hem vrezen,
die rekenen op zijn erbarming;
Dat Hij hen ontrukken zal aan de dood,
bij hongersnood hen zal voeden.

Wij stellen al onze hoop op de Heer,
Hij is onze hulp en ons schild.
Laat uw erbarmen, Heer, over ons dalen
zoals ons vertrouwen uitgaat naar U.

TWEEDE LEZING                                             Hebr. 4, 14-16

Laten wij vrijmoedig naderen tot de troon van genade.

Uit de brief aan de Hebreeën

Broeders en zusters,

Nu wij een verheven hogepriester hebben,
een die de hemelen is doorgegaan,
Jezus, de Zoon van God,
nu moeten wij vasthouden aan onze belijdenis.
Want wij hebben een hogepriester
die in staat is mee te voelen met onze zwakheden.
Hij werd zelf op allerlei manieren op de proef gesteld,
precies zoals wij, afgezien dan van de zonde.
Laten wij daarom vrijmoedig naderen tot de troon van Gods genade,
om barmhartigheid en genade te verkrijgen
en tijdige hulp.

Vers voor het evangelie                                            Mc. 10, 45

Alleluia.
De Mensenzoon is gekomen om te dienen
en om zijn leven te geven als losprijs voor velen.
Alleluia.

EVANGELIE                                                      Mc. 10, 35-45

De Mensenzoon is gekomen om zijn leven te geven als losprijs voor velen.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Marcus

In die tijd kwamen Jakobus en Johannes, de zonen van
Zebedeüs,
naar Jezus toe en zeiden:
“Meester, wij willen dat U voor ons doet wat wij vragen.”

Hij antwoordde hun:
“Wat wilt ge dan dat Ik voor u doe?”

Zij zeiden Hem:
“Geef dat in uw glorie een van ons aan uw rechter-
en de ander aan uw linkerhand moge zitten.”

Maar Jezus zei hun:
“Ge weet niet wat ge vraagt.
“Zijt ge in staat de beker te drinken die Ik drink
en met het doopsel gedoopt te worden
waarmee Ik gedoopt wordt?”

Zij antwoordden Hem:
“Ja, dat kunnen wij.”

“Inderdaad”,
-gaf Jezus toe-
de beker die Ik drink, zult gij drinken,
en met het doopsel waarmee Ik gedoopt word,
zult gij gedoopt worden;
maar het is niet aan Mij
u te doen zitten aan mijn rechter- of linkerhand,
omdat alleen zij dit verkrijgen voor wie dit is bereid.”
Toen de tien anderen dit hoorden,
werden ze kwaad op Jakobus en Johannes.

Jezus echter riep hen bij zich en sprak tot hen:
“Gij weet dat zij die als heersers van de volkeren gelden,
hen met ijzeren vuist regeren
en dat de groten misbruik maken van hun macht over hen.
“Dit mag bij u niet het geval zijn;
wie onder u groot wil worden,
moet dienaar van u zijn,
en wie onder u de eerste wil zijn,
moet aller slaaf wezen,
want ook de Mensenzoon is niet gekomen om gediend te
worden,
maar om te dienen,
en om zijn leven te geven als losprijs voor velen.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de zondagen.

Gepubliceerd door leopardoel

I am a 90-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: