Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
Deze grandioze Christushymne komt uit de vroegchristelijke liturgie, en werd wellicht gebruikt voor eucharistie en doop. De hymne heeft een dalende en een stijgende strofe. De tegenstelling tot het paradijsverhaal is manifest. De mens Adam wil grijpen naar de heerlijkheid van God. Hij wil aan God gelijk zijn en vernietigt zichzelf zowel vroeger als nu. In de mens Jezus volgt God de omgekeerde weg. Hij komt ons in Jezus dienend nabij. Hij keert de verhoudingen om. Jezus wordt niet alleen gelijk aan de mens, maar vernederd, gehoorzaam, tot de dood aan het kruis. Daarom juist wordt Hij verheven en krijgt een Naam die boven alle namen is: Kyrios, Adonai, Heer, dit is een naam die alleen voorbehouden is aan God zelf.

EERSTE LEZING                                                      Fil. 2, 5-11
Hij heeft zichzelf vernederd;
daarom heeft God Hem hoog verheven.

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Filippi

Broeders en zusters,

Die gezindheid moet onder u heersen
welke Christus Jezus bezielde :
Hij die bestond in goddelijke majesteit,
heeft zich niet willen vastklampen
aan de gelijkheid met God.
Hij heeft zichzelf ontledigd
en het bestaan van een slaaf op zich genomen.
Hij is aan de mensen gelijk geworden.
En als mens verschenen
heeft Hij zich vernederd
door gehoorzaam te worden tot de dood,
tot de dood aan een kruis.
Daarom heeft God Hem hoog verheven
en Hem de naam verleend
die boven alle namen is.
Opdat bij het noemen van zijn naam
zich iedere knie zou buigen
in de hemel, op de aarde en onder de aarde ;
en iedere tong zou belijden,
tot eer van God de Vader :
Jezus Christus is de Heer.

TUSSENZANG                                      Ps. 22(21), 26b-27, 28-30a, 31-32

Voor heel de menigte zal ik U prijzen, Heer.

U dank ik voor het oog van de godvrezenden.
De armen zullen eten en verzadigd worden,
en allen die God zoeken, prijzen Hem,
hun moed zal weer herleven.

Dan zullen alle landen van de aarde
de Heer gedenken en zich tot Hem keren ;
en nedervallen zullen voor zijn Aangezicht
de stammen en de volken overal.

Want aan de Heer komt toe het koningschap,
Hij is de heerser over alle naties.
Die rusten in de aarde zullen Hem aanbidden.
Mijn ziel zal voor zijn Aanschijn blijven leven,
mijn nageslacht zal steeds zijn dienaar zijn.

Het zal verhalen van de Heer aan het geslacht dat komt,
van zijn gerechtigheid aan die geboren worden :
dit heeft de Heer gedaan.

ALLELUIA                                                             Joh. 6, 64b, 69b

Alleluia.
Uw woorden, Heer, zijn geest en leven ;
uw woorden zijn woorden van eeuwig leven.
Alleluia.

EVANGELIE                                                           Lc. 14, 15-24
Haast je naar de straten en stegen van de stad,
en nodig de mensen dringend uit binnen te komen,
want mijn huis moet vol worden.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Lucas

In die tijd zei een der tafelgenoten tot Jezus :
“Gelukkig al wie zijn maaltijd zal houden in het Rijk Gods.”
Hij antwoordde hem :
“Zeker iemand gaf een groot maal en nodigde veel gasten. Op het uur van de maaltijd zond hij zijn dienaar
om aan de genodigden te zeggen : Komt, alles is gereed.
“Maar zij begonnen zich allen opeens te verontschuldigen.
“De eerste liet hem zeggen :
Ik heb een akker gekocht
en moet die noodzakelijk gaan bekijken ;
ik verzoek u mij wel te willen verontschuldigen.
“Een tweede zei :
Ik heb vijf span ossen gekocht en moet ze gaan proberen ;
ik verzoek u mij wel te willen verontschuldigen.
“Weer een ander :
ik ben zo pas getrouwd ; daarom kan ik niet komen.
“Bij zijn thuiskomst
bracht die dienaar dat alles aan zijn meester over.
“Nu ontstak de heer des huizes in toorn en beval aan zijn dienaar :
Haast je naar de straten en stegen van de stad
en breng de armen, gebrekkigen,
blinden en kreupelen hier binnen.
“Toen de dienaar hem zei :
Heer, wat gij bevolen hebt is gebeurd
en nog is er plaats,
droeg de heer zijn dienaar op :
Ga naar de wegen en de binnenpaden
en nodig de mensen dringend uit binnen te komen,
want mijn huis moet vol worden.
“Ik zeg u :
Geen enkel van de mannen die het eerst genodigd waren,zal van mijn feestmaal proeven.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands BijbelgenootschDe bijbeltekstap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.