Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Openingswoord

In Jezus is God tot ons gekomen.
Kwaad en duisternis zijn er nog wel,
maar zij hebben niet het laatste woord.
Het laatste woord komt toe aan de kracht van God.
Maria en Jozef vertrouwen daarop:
zij leefden van het geloof in de goddelijke beloften van heil en vrede.
Zo kon Jezus, de Messias, thuis zijn bij hen.
Op het feest van de heilige Familie bidden wij
om de zegen van God over al onze gezinnen en families.
Dat God ook vandaag aanwezig mag zijn bij ons,
mensen van deze tijd.

EERSTE LEZING                                                        Sir. 3, 2-6.12-14

Wie de Heer vreest, eert zijn ouders.

Uit het boek Wijsheid van Jezus Sirach 

De Heer heeft een vader aangesteld over de kinderen;
en de moeder recht gegeven over haar zonen.
Wie zijn vader eerbiedigt krijgt vergiffenis van zonden,
en als iemand die schatten verzamelt
is hij die zijn moeder eert.
Wie zijn vader eert, beleeft vreugde aan zijn kinderen,
en wanneer hij bidt wordt hij verhoord.
Wie zijn vader eert zal een lang leven genieten
en wie zijn vader gehoorzaamt
verkwikt het hart van zijn moeder.
Wie de Heer vreest, eert zijn ouders.

Kind, draag zorg voor uw vader op zijn oude dag
en doe hem geen verdriet zolang hij leeft.
Op de dag dat je in nood zijt, wordt aan u gedacht;
gij die nog in volle kracht zijt, veracht uw vader niet.
Medelijden met uw vader zal niet worden vergeten,
anders dan de zonden, bouwt zij uw huis op.

Antwoordpsalm                                              Ps. 128(127), 1-2, 3, 4-5

Keervers
Gelukkig die godvrezend zijt
de weg des Heren gaat.

Gelukkig die godvrezend zijt,
de weg des Heren gaat.
Ge zult de vrucht van eigen arbeid eten,
tevreden en voorspoedig zult ge zijn.

Uw vrouw daarbinnen in uw huis
is als een rijkbeladen wijnstok.
En als olijventakken rond de stam,
zo staan uw kinderen om uw tafel.

Ja, zo wordt elke mens gezegend
die eer geeft aan de Heer.
U zegene de Heer uit Sion,
moogt gij Jeruzalem welvarend zien
zolang uw dagen duren.

TWEEDE  LEZING                                                      Kol. 3, 12-21

Over het huiselijk leven in de Heer.

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Kolosse 

Broeders en zusters,

Bekleedt u,
als Gods heilige en geliefde uitverkorenen,
met tedere ontferming, goedheid, deemoed,
zachtheid en geduld.
Verdraagt elkander
en vergeeft elkander als de een tegen de ander een grief heeft.
Zoals de Heer u vergeven heeft
zo moet ook gij vergeven.
Voegt bij dit alles de liefde  als de band der volmaaktheid.
En laat de vrede van Christus heersen in uw hart;
daartoe zijt gij immers geroepen, als leden van één lichaam,
en weest dankbaar.

Het woord van Christus moge in volle rijkdom
onder u wonen.
Leert en vermaant elkander met alle wijsheid.
Zingt voor God met een dankbaar hart psalmen,
hymnen en liederen,
ingegeven door de Geest.
En al wat gij doet in woord of werk
doet alles in de naam van Jezus de Heer,
God de Vader dankend door Hem.

Vrouwen, weest uw man onderdanig,
zoals het christenen betaamt.
Mannen,  hebt uw vrouw lief
en weest niet humeurig tegen haar.
Kinderen, gehoorzaamt uw ouders in alles,
want dit is de Heer welgevallig.
Vaders, tergt uw kinderen niet,
opdat zij de moed niet verliezen.

Vers voor het evangelie                                                           Kol. 3, 15a en 16a

Alleluia.
Laat de vrede van Christus heersen in uw hart.
Het woord van Christus
moge in volle rijkdom onder u wonen
Alleluia.

EVANGELIE                        Lc. 2, 41-52

Denk toch eens met wat een pijn
uw vader en ik naar U hebben gezocht.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Lucas

Ieder jaar reisden de ouders van Jezus
bij gelegenheid van het Paasfeest naar Jeruzalem.
En overeenkomstig het gebruik bij dit feest
gingen zij opnieuw daarheen toen Hij twaalf jaar geworden was.
Maar na afloop van die dagen keerden zij naar huis terug.
Het kind Jezus bleef echter in Jeruzalem achter
zonder dat zijn ouders het wisten.
In de mening dat Hij zich bij de karavaan bevond,
gingen zij een dagreis ver,
en zochten Hem toen onder familieleden en bekenden.
Omdat zij Hem niet vonden
keerden zij al zoekende naar Jeruzalem terug.
Pas na drie dagen vonden zij Hem in de tempel,
waar Hij te midden van de leraren zat
naar wie Hij luisterde en aan wie Hij vragen stelde.
Allen die Hem hoorden
waren verbaasd over zijn inzicht en zijn antwoorden.
Toen zijn ouders Hem daar opmerkten stonden zij verslagen.
Zijn moeder zei tot Hem :
“Kind, waarom hebt Ge ons dit aangedaan ?
“Denk toch eens met wat een pijn
uw vader en ik naar U hebben gezocht.”
Maar Hij antwoordde :
“Wat hebt ge toch naar Mij gezocht ?
“Wist ge dan niet dat Ik in het huis van mijn Vader moest zijn?”
Zij begrepen echter niet wat Hij daarmee bedoelde.
Hij ging met hen mee naar Nazaret
en was aan hen onderdanig.
Zijn moeder bewaarde alles wat er gebeurd was inhaar hart.
En met de jaren nam Jezus toe in wijsheid en welgevalligheid
bij God en demensen.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.