Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
Christus volgen is Hem volgen én in zijn totale liefde en overgave aan de Vader, én in zijn gegeven-zijn aan de medemens. Het is een gevaarlijke en eeuwenlange bekoring voor de christen om deze twee te scheiden. Ze dienen immers onlosmakelijk met elkaar verbonden te zijn. Liefde tot de naaste zonder liefde tot God is louter humanisme. Liefde tot God zonder liefde tot de naaste is een belediging voor God, voor wie elke mens uniek is. Indien we die balans in evenwicht houden, wordt misschien ook tot ons gezegd: Gij zijt niet ver van het rijk Gods.

EERSTE LEZING                                               Hos. 14, 2-10

Wij zullen nooit meer zeggen tegen het maaksel van onze handen : Gij zijt onze God !

Uit de Profeet Hosea

Zo spreekt de Heer :
“Bekeer u, Israël, tot de Heer uw God,
want over uw schuld zijt gij gestruikeld.
“Kom met uw woorden als gave,
bekeer u tot de Heer en zeg Hem :
Gij vergeeft toch alle schuld ;
aanvaard ook onze goede wil :
wij zullen onze woorden als offerdieren geven.
“Assur kan ons niet redden ;
wij zullen niet meer op paarden rijden
en tegen het maaksel van onze handen
zeggen wij nooit meer : Gij zijt onze God.
“Gij Heer, zijt immers degene
bij wie de wees ontferming vindt.

“Ik wil hen van hun ontrouw genezen
en hun van harte mijn liefde schenken.
“Mijn toorn heeft zich van hen afgewend.
“Ik wil voor Israël zijn als de dauw :
als een lelie zal hij gaan bloeien
en hij zal wortels schieten, als op de Libanon.
“Zijn scheuten lopen uit,
zijn luister evenaart die van de olijfboom,
zijn geur die van de Libanon.
“Zij zullen opnieuw in zijn schaduw zitten ;
zij zullen koren kunnen verbouwen,
zij zullen bloeien als de wingerd
en vermaard zijn als de wijn van de Libanon.
“Wat heb Ik dan nog met de afgoden te maken, Efraïm ?
“Ik ben het die hem verhoort
en die naar hem omziet.
“Ik ben als een altijd groene cypres :
aan Mij zijn uw vruchten te danken.
“Wie is zo wijs dat hij dit beseft,
wie is zo verstandig dat hij dit inziet ?
“Inderdaad, recht zijn de wegen van de Heer :
de rechtschapenen bewandelen die,
maar rebellen komen er ten val.”

TUSSENZANG                         Ps. 81(80), 6c-8a, 8bc-9, 10-11, ab,14, 17

Ik ben de Heer, uw enige God,
hoor dan, mijn volk, als Ik u waarschuw !

Nu hoor ik een stem, die ik nooit heb gehoord :
Ik heb u de last van de schouders genomen.
Uw handen lieten de draagkorven staan ;
gij hebt Mij geroepen, Ik heb u bevrijd.

Uit onweerswolken gaf Ik u antwoord,
bij Meriba stelde Ik u op de proef.
Hoor dan, mijn volk, als Ik u waarschuw,
Israël, luiter naar Mij !

Nooit mag er een vreemde god zijn bij u,
aanbid geen goden uit andere landen.
Want Ik ben de Heer, uw enige God,
die u uit Egypte geleid heb.

Ach, luiterde nu mijn volk maar naar Mij,
bewandelde Israël nu maar mijn paden ;
dan zou Ik mijn volk met tarwebloem voeden,
met honing verzadigen uit de rots.

VERS VOOR HET EVANGELIE                 Ps. 95(94), 8ab

Luistert heden naar de stem van de Heer,
en weest niet halsstarrig.

EVANGELIE                                                    Mc. 12, 28b-34

De Heer onze God is de enige Heer, Gij zult Hem beminnen met geheel uw hart.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Marcus

In die tijd trad een schriftgeleerde op Jezus toe
en legde Hem de vraag voor :
“Wat is het allereerste gebod ?”
Jezus antwoordde :
“Het eerste is :
Hoor, Israël !
“De Heer onze God is de enige Heer.
“Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart,
geheel uw ziel, geheel uw verstand en geheel uw kracht.
“Het tweede is dit:
Gij zult uw naaste beminnen als uzelf.
“Er is geen ander gebod voornamer dan deze twee.”
Toen zei de schriftgeleerde tot Hem :
“Juist Meester, terecht hebt Ge gezegd :
Hij is de enige en er bestaat geen andere buiten Hem ;
en Hem beminnen met heel zijn hart,
heel zijn verstand en heel zijn kracht
en de naaste beminnen als zichzelf
dat gaat boven alle brand- en slachtoffers.”
Omdat Jezus zag dat hij wijs gesproken had zei Hij hem :
“Gij staat niet ver af van het Koninkrijk Gods.”
En niemand durfde Hem nog een vraag te stellen.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.