Zaterdag in de derde paasweek

Inleiding
Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging

Naar wie zouden wij gaan? Dat antwoordt Petrus op de vraag van Jezus, op het moment dat veel leerlingen zich terugtrekken en Hem willen verlaten. Er rijst verzet en onbegrip bij wat Jezus en zijn Kerk te zeggen hebben. Zijn vlees eten en zijn bloed drinken: dat begint toch erg vreemd te klinken. Dagelijks, of toch regelmatig, aanhoren wij in de eucharistie dezelfde woorden. Misschien zijn we ons nog nauwelijks bewust van de betekenis van die woorden. Jezus wil vandaag weten waar wij staan. ‘Er zijn er onder u die geen geloof hebben’…Kan Jezus op ons rekenen?

EERSTE LEZING                                                                             Hand. 9, 31-42

De kerk werd verstevigd en nam gestadig in aantal toe door de vertroosting van de heilige Geest.

Uit de Handelingen van de Apostelen

In die dagen genoot de kerk
in heel Judea, Galilea en Samaria vrede ;
zij werd steeds meer bevestigd in de vreze des Heren
en nam gestadig in aantal toe
door de vertroosting van de heilige Geest
Eens kwam Petrus
op een grote rondreis
ook bij leerlingen die in Lydda woonden,
en trof daar een zekere Enéas aan
die reeds acht jaar
wegens verlamming het bed moest houden.
Petrus sprak tot hem :
“Enéas,
Jezus Christus geneest u,
sta op
en maak zelf uw bed in orde.”
Onmiddellijk stond hij op.
Alle inwoners van Lydda en van de Saronvlakte zagen hem
en bekeerden zich tot de Heer.

Er leefde destijds in Joppe een leerlinge met name Tabita,
wat in vertaling Dorkas, Gazelle betekent.
Zij was onuitputtelijk in het doen van goede werken
en in het geven van aalmoezen.
Juist in die dagen was zij echter na een ziekte gestorven.
Men waste haar en legde haar in een bovenvertrek.
Omdat Lydda dicht bij Joppe ligt
stuurden de leerlingen
die gehoord hadden dat Petrus daar verbleef,
twee mannen naar hem toe met het verzoek :
“Kom zonder uitstel naar ons toe.”
Petrus ging aanstonds met hen mee.
Bij zijn aankomst brachten ze hem in het bovenvertrek,
waar alle weduwen wenend hem omringden
en al de kleren en mantels lieten zien
die Dorkas gemaakt had toen ze nog in hun midden was.
Petrus deed allen naar buiten gaan,
knielde neer
en bad.
Toen sprak hij, zich kerend naar het lijk :
“Tabita, sta op.”
Zij opende de ogen, zag Petrus
en ging overeind zitten.
Hij reikte haar de hand
en hielp haar opstaan.
Vervolgens riep hij de heiligen en de weduwen
en gaf haar levend aan hen terug.
Dit werd bekend in heel Joppe
zodat velen het geloof in de Heer aannamen.

TUSSENZANG                                          Ps. 116(115), 12-13, 14-15, 16-17

Hoe kan ik mijn dank betuigen
voor al wat de Heer mij gaf ?

Hoe kan ik mijn dank betuigen
voor al wat de Heer mij gaf ?
Ik hef de offerbeker,
de Naam van de Heer roep ik aan.

Ik zal mijn geloften volbrengen
waar heel zijn volk het ziet.
Want kostbaar is in zijn ogen
het leven van wie Hem vereert.

O Heer, ik ben uw dienaar,
uw knecht, de zoon van uw dienstmaagd,
Gij hebt mijn boeien geslaakt.
Met offers zal ik U loven,
de Naam van de Heer roep ik aan.

ALLELUIA                                                               Joh. 20,29

Alleluia.
Omdat ge Mij gezien hebt, Thomas, gelooft ge ;
zalig zij die niet gezien en toch geloofd hebben
Alleluia.

EVANGELIE                                                               Joh. 6, 60-69

Naar wie zouden wij gaan ? Uw woorden zijn woorden van eeuwig leven.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Johannes

In die dagen zeiden velen van de leerlingen van Jezus :
“Deze taal stuit iemand tegen de borst.
“Wie is nog in staat naar Hem te luisteren ?”
Maar Jezus
die uit zichzelf wist dat zijn leerlingen daarover morden,
vroeg hun :
“Neemt gij daar aanstoot aan ?
“Als gij dan de Mensenzoon ziet opstijgen
naar waar Hij vroeger was….?
“Het is de geest die levend maakt,
het vlees is van geen nut.
“De woorden die Ik tot u gesproken heb
zijn geest en leven.
“Maar er zijn er onder u die geen geloof hebben.”
Jezus wist inderdaad van het begin af aan
wie het waren die niet geloofden
en wie Hem zou overleveren.
Hij voegde er aan toe :
“Daarom heb Ik u gezegd
dat niemand tot Mij kan komen
als het hem niet door de Vader gegeven is.”
tengevolge hiervan
trokken velen van zijn leerlingen zich terug
en verlieten zijn gezelschap.
Waarop Jezus aan de twaalf vroeg :
“Wilt ook gij soms weggaan ?”
Simon Petrus antwoordde Hem :
“Heer, naar wie zouden wij gaan ?
“Uw woorden zijn woorden van eeuwig leven
en wij geloven en weten dat Gij de Heilige Gods zijt.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s