Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
Het bericht over Apollos geeft ons enkele belangrijke mededelingen. Ten eerste dat we niet bang moeten zijn om voor ons geloof uit te komen. We groeien in het geloof, het is nooit af. Dat mag ons niet weerhouden om het niet met anderen te delen. Geloven in Jezus is naar anderen toegaan om hen te laten delen in de ontdekking die men zelf heeft gedaan. Ten tweede dat elke christen een verantwoordelijkheid heeft voor de geloofsoverdracht. We mogen het de zoekende mens niet onthouden Christus’ woorden te horen. Als het ons petje te boven gaat kunnen we de ander op de weg zetten naar andere christenen met een aanbeveling en met het verzoek hem goed te ontvangen.

EERSTE LEZING                  Hand. 18, 23-28

Paulus bewijst Apollos aan de hand van de Schriften dat Jezus de Messias is.

Uit de Handelingen van de Apostelen

Nadat Paulus enige tijd te Antiochië had verbleven,
vertrok hij weer
en maakte een rondreis
achtereenvolgens door de landstreek Galatië en door Frygië
om er alle leerlingen te sterken.
Intussen was in Efeze een Jood aangekomen,
Apollos,
een Alexandrijn van afkomst
en een welsprekend man
die doorkneed was in de Schriften.
Hij had onderricht ontvangen in de weg des Heren,
sprak vol geestdrift
en gaf in bijzonderheden onderricht over alles wat Jezus betrof,
hoewel hij alleen het doopsel van Johannes kende.
Ook begon hij vrijmoedig in de synagoge op te treden.
Nadat Priscilla en Aquila hem gehoord hadden,
namen ze hem mee
en legden hem de weg van God nauwkeuriger uit.
Toen hij wilde doorreizen naar Achaïa,
zonden de broeders aan de leerlingen een brief
met het verzoek hem goed te ontvangen.
Daar aangekomen
was hij door zijn genadegave van veel nut voor de gelovigen,
want krachtig weerlegde hij in het openbaar de Joden
door aan de hand van de Schriften te bewijzen
dat Jezus de Messias was.

TUSSENZANG                                             Ps. 47(46), 2-3, 8-9, 10

Koning is God over heel de aarde.
of : Alleluia.

Alle volkeren, klapt in de handen,
jubelt voor God met blij geroep.
Want groot is de Heer en alom geducht,
een machtig vorst over heel de aarde.

Koning is God over heel de aarde,
zingt dus een psalm voor Hem.
Koning is God over alle naties,
zetelend op zijn heilige troon.

Vorsten en volkeren komen daar samen,
vereend met het volk van Abrahams God.
Aan God komt toe alle macht op aarde,
de Allerhoogste is Hij.

ALLELUIA                                                           Joh. 14, 18

Alleluia.
Ik zal u niet verweesd achterlaten, zegt de Heer :
Ik ga heen, maar Ik keer tot u terug,
en uw hart zal zich verheugen.
Alleluia.

EVANGELIE                        Joh. 16, 23b-28

De Vader heeft u lief omdat gij Mij liefhebt en in Mij gelooft.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Johannes

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen :
“Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u :
wat gij de Vader ook zult vragen,
Hij zal het u geven in mijn Naam.
“Tot nu toe hebt gij niets gevraagd in mijn Naam.
“Vraagt en gij zult verkrijgen
opdat uw vreugde volkomen zij.
“in beelden heb Ik hierover tot u gesproken ;
er komt een uur dat Ik niet meer in beelden tot u zal spreken,
maar Mij onomwonden
tegenover u zal uiten omtrent de Vader.
“Op die dag zult gij bidden in mijn Naam ;
het is niet nodig te zeggen
dat Ik bij de Vader uw voorspreker zal zijn,
want de Vader zelf heeft u lief omdat gij Mij liefhebt
en omdat gij gelooft dat Ik van God ben uitgegaan.
“Ik ben van de Vader uitgegaan en in de wereld gekomen ;
weer verlaat Ik de wereld en ga naar de Vader.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.