Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
De lezing uit de Handelingen van de Apostelen tekent ons het beeld van de geloofsverkondiger. Hij ziet Gods genade werkzaam aanwezig in de gemeenschap die hij bezoekt. Hij verheugt zich daarover en nodigt allen uit trouw te blijven aan de Heer.
De geloofsverkondiger is een goed mens, bezield met de heilige Geest en vol geloof. Hij is altijd bereid opnieuw op stap te gaan en niet vast te roesten opgrote één of andere plaats. Hij leeft in de gemeenschap, gaat naar de mensen toe en aarzelt niet om op grote schaal het geloof door te geven door onderricht.

EERSTE LEZING                                                 Hand. 11, 21b-26 ; 13, 1-3

Hij was een goed man, vol van de heilige Geest en geloof.

Uit de Handelingen van de Apostelen

In die dagen
kwamen zeer velen tot het geloof
en bekeerden zich tot de Heer.
Het gerucht omtrent het optreden van de volgelingen van de Heer
kwam ook de kerk van Jeruzalem ter ore
en men vaardigde Barnabas af naar Antiochië.
Toen deze daar aankwam
en Gods genade zag,
verheugde hij zich
en wekte allen op met hart en ziel de Heer trouw te blijven.
Hij was een goed man,
vol van de heilige Geest en geloof.

Veel mensen werden voor de Heer gewonnen.

Daarop vertrok hij naar Tarsus
om Saulus te gaan zoeken.
Toen hij hem gevonden had
bracht hij hem naar Antiochië.
Een vol jaar namen zij deel aan de bijeenkomsten in die gemeente
en gaven onderricht aan een grote menigte.
Het was in Antiochië
dat de leerlingen voor het eerstb christenen werden genoemd.

Er waren daar in de gemeente profeten en leraren :
Barnabas, Simon die Niger genoemd werd,
Lucius uit Cyrene,
Manaën, jeugdvriend van de viervorst herodes, en Saulus.
Terwijl ze eens voor de Heer de heilige dienst verrichtten
en vastten,
sprak de heilige Geest :
“Zondert Mij Barnabas en Saulus af voor het werk
waartoe Ik hen heb geroepen.”
Na vasten en gebed legden ze hun toen dehanden op
en lieten hen vertrekken.

TUSSENZANG                                       Ps. 98(97), 1, 2-3ab, 3c-4, 5-6

De Heer deed de volkeren zijn gerechtigheid kennen.

Zingt voor de Heer een nieuw gezang
omdat Hij wonderen deed.
Zijn hand deed zich krachtig gelden,
de macht van zijn heilige arm.

Zijn weldaden deed Hij ons kennen,
de volkeren zijn gerechtigheid.
Opnieuw bleek zijn goedheid en trouw
ten gunste van Israëls huis.

Geheel de aarde aanschouwde
wat onze God voor ons deed.
Verheerlijkt de Heer, alle landen,
weest blij, verheugt u en zingt.

Zingt voor de Heer bij de citer,
met citer en psalterspel.
Laat schallen trompet en bazuin
en danst voor de Heer, uw koning.

ALLELUIA                                         Mt. 28, 19a en 20b

Alleluia.
Gaat en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen.
Ziet, Ik ben met u, alle dagen,
tot aan de voleinding der wereld.
Alleluia.

EVANGELIE                                                           Mt. 10, 7-13

Verkondigt op uw tocht : Het Koninkrijk der hemelen is nabij.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Matteüs

In die tijd zei Jezus tot de twaalf :
“Verkondigt op uw tocht :
Het Koninkrijk der hemelen is nabij.
“Geneest zieken, wekt doden op,
reinigt melaatsen en drijft duivels uit.
“Voor niets hebt gij ontvangen, voor niets moet gij geven.
“Tracht dus geen goud, zilver of koper te verwerven
om er uw gordels mee te vullen.
“Verschaft u ook geen reiszak voor onderweg,
geen tweede onderkleed, geen schoeisel of stok,
want de arbeider is zijn onderhoud waard.
“Als gij in een stad of in een dorp komt, onderzoekt dan
wie waard is u te ontvangen,
en verblijft daar tot gij weer vertrekt.
“Wanneer ge dat huis binnentreedt
brengt het uw vredegroet ;
en wanneer het die waard is
moge uw vrede over dat huis komen,
maar wanneer het die niet waard is,
dan kere de vrede tot u terug.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.