Maandag in de veertiende week

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
Dromen zijn in de Schrift uitgelezen momenten waarop God aan mensen een belofte of een opdracht laat kennen. In de woorden die klinken in Jakobs droom, wordt eigenlijk het verbond met Abraham en Isaak geactualiseerd. Het is een beeld geworden om de intieme biddende samenspraak tussen de mens en God uit te drukken. Dit roept het vers op uit psalm 127: “Gods vrienden ontvangen het slapend”.
Jakob strijdt met iedereen, zelfs met God. Maar doorheen dat alles wordt hij een ander mens, met een andere naam, Israël. Is zijn worsteling, zowel met de werkelijkheid als met God zelf, ook niet het verhaal van mijn persoonlijke worsteling ? Ervaar ik Gods nabijheid dan ?

EERSTE LEZING                                               Gen. 28, 10-22a

In zijn droom zag Jakob een ladder
die op aarde stond en tot de hemel reikte.

Uit het Boek Genesis

In die tijd vertrok Jakob uit Berseba en ging naar Haran.
Op een bepaalde plaats gekomen,
wilde hij daar overnachten,
nadat de zon reeds was ondergegaan.
Een van de stenen die daar lagen
nam hij als hoofdkussen en viel op die plaats in slaap.
Hij kreeg een droom
en zag een ladder die op de aarde stond
en waarvan de top tot in de hemel reikte.
Langs die ladder gingen Gods engelen op en af.
Ineens stond de Heer bij hem en zei :
“Ik ben de Heer, de God van uw vader Abraham
en de God van Isaäk.
“Het land, waar gij op ligt,
zal Ik aan u en aan uw nakomelingen geven.
“Uw nageslacht zal zijn als het stof van de aarde ;
gij zult u uitbreiden naar het westen en het oosten,
naar het noorden en het zuiden ;
door u enuw nakomelingen zal zegen komen
over alle geslachten van de aarde.
“Ik ben met u;
Ik zal u behoeden waar gij ook gaat,
en u terugvoeren naar dit land.
“Want Ik zal u niet verlaten tot Ik mijn belofte heb vervuld.”
Jakob werd wakker en riep uit :
“Waarlijk, de Heer is op deze plaats en ik wist het niet.”
Hij werd bevreesd en zei :
“Ontzagwekkend is deze plaats !
“Dit kan niet anders zijn dan het huis van God
en de poort van de hemel.”
De volgende morgen zette Jakob de steen
die onder zijn hoofd had gelegen overeind
als een heilige steen en goot er olie over uit.
Hij noemde die plaats Betel ;
vroeger heette die stad Luz.
Jakob legde de volgende gelofte af:
Als God met mij is en mij beschermt
op de reis die ik nu onderneem,
als Hij mij voedsel geeft om te eten
en kleding om mij te bedekken,
en als ik behouden naar mijn ouderlijk huis terugkeer,
dan zal de Heer mijn God zijn.
En deze steen, die ik als heilige steen opricht,
zal het huis van God zijn.

TUSSENZANG                Ps. 91(90), 1-2, 3 4, 14-15ab

Voor u is de Heer : mijn God, op wie ik vertrouw.

Gij die de bescherming geniet van de Allerhoogste
en die in de schaduw van de Almachtige woont,
voor u is de Heer : mijn toevlucht, mijn burcht,
mijn God, op wie ik vertrouw.

Want Hij maakt u los uit de strik van de jagers,
Hij redt u uit doodsgevaar.
Hij zal u met zijn vleugels beschermen,
onder zijn wieken vindt gij een toevlucht.

Wie op Mij rekent zal Ik verlossen,
beschermen zal Ik wie Mij erkent.
Wanneer Hij Mij aanroept zal Ik hem verhoren,
hem bijstaan in iedere nood.

ALLELUIA                         Jak. 1, 21

Alleluia.
Neemt met zachtmoedigheid het woord van God aan
dat in u werd geplant
en de kracht bezit
uw zielen te redden.
Alleluia.

EVANGELIE                    Mt. 9, 18-26

Mijn dochter is zo juist gestorven :
maar kom en zij zal weer levend worden.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Matteüs

Terwijl Jezus eens tot de menigte sprak
kwam er een overste naar Hem toe,
wierp zich voor Hem neer en zei :
“Mijn dochter is zo juist gestorven :
maar kom haar de hand opleggen
dan zal zij weer levend worden.”
Jezus stond op en ging met Hem mee,
vergezeld van zijn leerlingen.
Plotseling naderde Hem van achteren een vrouw
die al twaalf jaar lang aan vloeiingen leed,
en raakte de zoom van zijn mantel aan.
Want ze zei bij zichzelf :
“Als ik alleen maar zijn mantel kan aanraken
zal ik al genezen zijn.”
Maar Jezus keerde zich om,
en toen Hij haar zag sprak Hij :
“Heb goede moed dochter,
uw geloof heeft u genezen.”
En vanaf dat ogenblik was de vrouw gezond.
Toen Jezus in het huis van de overste kwam
en de fluitspelers en het misbaar makende volk zag
sprak Hij :
“Gaat heen,
want het meisje is niet gestorven maar slaapt.”
Doch ze lachten Hem uit.
Toen al het volk buitengezet was,
trad Hij naderbij,
greep haar hand
en het meisje stond op.
Het verhaal hiervan deed de ronde door heel die streek.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Gepubliceerd door leopardoel

I am an 89-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: