Maandag – H. Bonaventura, b. en krkl.

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging

Vandaag beginnen we, na het boek Genesis, de lezing van Exodus. Genesis stond bijna helemaal buiten de profane wereldgeschiedenis. (bepaalde toestanden komen wel overeen met wat gebruikelijk was bij nomaden van het tweede millennium). Maar met Exodus zitten we rakelings op de rand van de geschiedenis. Dat blijkt reeds in de lezing van vandaag. We vinden getuigenissen over proviandsteden, over steenbakkerijen waar vreemde slaven werken onder Egyptische opzichters. Kortom: bepaalde elementen kloppen met toestanden onder bv. Ramses II.

EERSTE LEZING                Ex.1, 8-14.22

Hoe men de Israëlieten ook onderdrukte,
ze bleven groeien in aantal.

Uit het boek Exodus

 

In die dagen kwam er in Egypte
een nieuwe koning aan het bewind,
die van Jozef niets meer afwist.
Hij sprak tot het volk:
“Luister eens, die Israëlieten worden ons te talrijk en te sterk.
Wij dienen dus verstandige maatregelen tegen hen te nemen
om te voorkomen dat zij nog talrijker worden.
Als wij in oorlog raken
sluiten zij zich bij onze tegenstanders aan,
voeren strijd tegen ons en trekken uit het land weg.”
Toen stelden ze werkbazen over het volk aan
om hen door dwangarbeid te onderdrukken.
De Israëlieten moesten voor Farao
de proviandsteden Pitom en Ramses bouwen.
Maar hoe men hen ook onderdrukte, ze bleven groeien in aantal
en zich steeds meer vermenigvuldigen,
zodat de Egyptenaren er bang van werden,
en de Israëlieten dwongen om zware arbeid te verrichten.
Zij maakten hun leven zuur door hen hard te laten werken
in steenbakkerijen en op het land.
Dat was het zware werk waar zij hen toe dwongen.
Toen gelastte Farao aan al zijn onderdanen:
“Iedere jongen die geboren wordt moet ge in de Nijl gooien;
de meisjes kunt ge in leven laten.”

TUSSENZANG                          Ps. 124(123), 1-3, 4-6, 7-8

Wij werden gered door de Naam van de Heer.

Was de Heer niet met ons geweest,
zo mag Israël zeggen ;
was de Heer niet met ons geweest
toen allen zich tegen ons keerden ;
dan zouden wij levend verslonden zijn,
verzengd door de gloed van hun woede.

Dan had de vloed ons verzwolgen,
de bergstroom ons meegesleurd ;
dan waren wij reddeloos ondergegaan
in schuimende waterkolken.
De Heer zij geloofd, Hij gaf ons niet prijs,
ontrukte de prooi aan hun tanden.

Wij zijn als een vogel nog juist gevlucht,
ontsnapt aan het net van de jagers.
Het net van de vogelaar is gescheurd,
wij zijn er uit los gekomen.
Wij werden gered door de Naam van de Heer,
die hemel en aarde gemaakt heeft.

ALLELUIA               Ps. 25(24), 4c, 5a

Alleluia.
Leer mij uw paden kennen, Heer ;
leid mij volgens uw woord.
Alleluia.

EVANGELIE                            Mt. 10, 34-11,1

Ik ben geen vrede komen brengen, maar het zwaard.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen:
“Denkt niet dat Ik vrede ben komen brengen op aarde;
Ik ben geen vrede komen brengen, maar het zwaard.
Tweedracht ben Ik komen brengen
tussen een man en zijn vader, tussen dochter en moeder,
schoondochter en schoonmoeder;
en iemands huisgenoten zullen zijn vijanden zijn.
Wie vader of moeder meer bemint dan Mij,
is Mij niet waardig;
wie zoon of dochter meer bemint dan Mij,
is Mij niet waardig;
En wie zijn kruis niet opneemt en Mij volgt,
is Mij niet waardig.
Wie zijn leven vindt, zal het verliezen,
en wie zijn leven verliest om Mijnentwil, zal het vinden.
Wie u opneemt, neemt Mij op;
en wie Mij opneemt, neemt Hem op die Mij gezonden heeft.
Wie een profeet opneemt omdat het een profeet is,
zal ook het loon van een profeet ontvangen
en wie een deugdzaam mens opneemt
omdat het een deugdzaam mens is,
zal ook het loon van een deugdzame ontvangen.
En wie een van deze kleinen
al was het maar een beker koud water geeft
omdat hij mijn leerling is,
voorwaar, Ik zeg u:
zijn loon zal hem zeker niet ontgaan.”
Toen Jezus zijn lessen aan zijn twaalf leerlingen had geëindigd,
vertrok Hij vandaar
om te onderrichten en te prediken in hun steden.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Gepubliceerd door leopardoel

I am a 90-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: