Vrijdag in de vijftiende week

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven.

Overweging
We lezen vandaag de tekst die we ook uit de Goede Week kennen: het ritueel van het paaslam dat tot op heden door de joden gevierd wordt in herinnering aan de nacht waarin God het volk van Israël uit Egypte leidde. Op Pessach, zeggen de joden, werd een vrije joodse natie geboren. Tegelijk kondigt deze lezing de tiende plaag aan. De negen plagen konden nog gezien worden als buitengewone natuurverschijnselen. Deze tiende plaag wordt voorgesteld als het werk van de reddende God zelf.

EERSTE LEZING                         Ex. 11, 10-12, 14

In de avondschemering moet gij het lam slachten ;
als Ik het bloed aan uw huizen zie, zal Ik u voorbijgaan.

Uit het Boek Exodus

In die dagen
verrichtten Mozes en Aäron vele wonderen voor Farao,
maar de Heer maakte Farao halsstarrig;
hij liet de Israëlieten niet uit zijn land vertrekken.
God de Heer richtte het woord
tot Mozes en Aäron in Egypte, en sprak :
“Deze maand moet gij beschouwen als de beginmaand,
als de eerste maand van het jaar.
“Maakt aan heel de gemeenschap van Israël het volgende bekend :
Op de tiende van deze maand
moet ieder gezin een lam uitkiezen,
ieder huis één lam.
“Als een gezin te klein is voor een lam,
dan moeten ze, rekening houdend met het aantal personen,
samen doen met hun naaste buurman.
“Bij het verdelen van het lam
moet er rekening gehouden worden met ieders eetlust.
“Het lam moet gaaf zijn, van het mannelijk geslacht en eenjarig.
“Ge kunt er een schaap of een geit voor nemen.
“Ge moet de dieren vasthouden
tot aan de veertiende van de maand.
“Dan moet heel de verzamelde gemeenschap van Israël ze slachten
in de avondschemering.
“Vervolgens moet gij wat bloed nemen
en dat uitstrijken over de beide deurposten
en over de bovenbalk van de deur
van alle huizen waar het lam gegeten wordt.
“In dezelfde nacht moet het vlees gegeten worden,
op het vuur gebraden.
“Het moet gegeten worden met ongezuurd brood
en bittere kruiden.
“Ge moogt het niet rauw eten of gekookt in water,
maar alleen gebraden op het vuur,
met kop, poten en ingewanden.
“Zorgt dat er niets van over is, als de zon opgaat.
“Wat bij zonsopgang nog over zou zijn moet ge verbranden.
“En dit is de wijze waarop gij het lam moet eten :
uw lendenen omgord, uw voeten geschoeid,
en uw stok in de hand.
“Haastig moet ge het eten, want het is pasen voor de Heer.
“Deze nacht zal Ik door Egypte gaan
en alle eerstgeborenen van Egypte,
zowel mensen als dieren, zal Ik slaan.
“Aan alle goden van Egypte zal Ik het vonnis voltrekken.
“Maar het bloed aan de huizen zal een teken zijn
dat gij daar woont.
“Als Ik het bloed aan uw huizen zie,
zal Ik u voorbijgaan.
“Geen vernietigende plaag zal u treffen als Ik Egypte sla.
“Deze dag moet gij tot een gedenkdag maken,
ge moet hem vieren als een feest ter ere van de Heer.
“Van geslacht tot geslacht
moet ge hem als een eeuwige instelling vieren.”

TUSSENZANG                  Ps. 116(115), 12-13, 15-16bc, 17-18

Ik hef de offerbeker,
de Naam van de Heer roep ik aan.
of : Alleluia.

Hoe kan ik mijn dank betuigen
voor al wat de Heer mij gaf ?
Ik hef de offerbeker,
de Naam van de Heer roep ik aan.

Want kostbaar is in zijn ogen
het leven van wie Hem vereert.
O Heer, ik ben uw dienaar,
uw knecht, de zoon van uw dienstmaagd,
Gij hebt mijn boeien geslaakt.

Met offers zal ik U loven,
de Naam van de Heer roep ik aan.
Ik zal mijn geloften volbrengen
waar heel zijn volk het ziet.

ALLELUIA                   Ps. 119(118), 18

Alleluia.
Ontsluit mijn ogen om te aanschouwen, Heer,
de heerlijkheid van uw wet.
Alleluia.

EVANGELIE                       Mt. 12, 1-8

De Mensenzoon is Heer van de sabbat.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Matteüs

Eens ging Jezus op een sabbat door de korenvelden ;
zijn leerlingen nu kregen honger
en begonnen aren te plukken en te eten.
De Farizeeën zagen dat en zeiden tot Hem :
“Uw leerlingen doen daar iets wat op sabbat niet geoorloofd is.”
Hij gaf hun ten antwoord :
“Hebt gij niet gelezen wat David deed
toen hij en zijn metgezellen honger kregen ?
“Hoe hij het huis van God binnenging en de toonbroden opat
die noch hij, noch zijn metgezellen,
maar alleen de priesters mochten eten ?
“Of hebt gij niet in de Wet gelezen,
dat de priesters elke sabbat in de tempel de sabbat schenden
en toch niet schuldig zijn ?
“Ik echter zeg u :
Hier is meer dan de tempel.
“Indien het maar
tot u doorgedrongen was wat het zeggen wil :
Ik wil liever barmhartigheid dan offers,
dan zoudt gij deze onschuldigen niet veroordeeld hebben.
“Want de Mensenzoon is Heer van de sabbat.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

 

Gepubliceerd door leopardoel

I am an 89-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: