Maandag in de eenentwintigste week door het jaar

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven.

Overweging
De liturgie biedt ons deze week de lectuur van het oudste christelijk geschrift dat tot ons kwam: de allereerste Paulusbrief, uit het jaar 52. We bevinden ons dan in een tijdsgewricht waarin het geloof leeft dat de Heer zal terugkomen, nog vóór Paulus of zijn christenen gestorven zullen zijn. De brief ademt vreugde uit, de inhoud wordt bepaald door een doorlopende dankzegging, en baadt in een sfeer van gebed. Dat is de geestesgesteldheid waarvan Paulus getuigt. Is het ook de onze ? De apostel verwijst ook vandaag nog naar de essentie van ons christen-zijn: een actief geloofsleven vertaalt zich in concrete daden van liefde, dienstbaarheid aan allen, en het moedig en hoopvol doorstaan van de beproevingen die het leven brengt. Christenen volharden in geloof, hoop en liefde. En wij?

Augustinus van Hippo, Preken over de Eerste brief van Johannes

EERSTE LEZING                                     I  Tess. 1, 1-5. 8b-10
Gij hebt u van de afgoden tot God bekeerd
en gij verwacht zijn Zoon
die Hij uit de dood heeft opgewekt.

Begin van de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Tessalonica
.

Van Paulus, Silvánus en Timòteüs
aan de christengemeente van Tessalonica,
die is in God de Vader en de Heer Jezus Christus.
Genade voor u en vrede!

Wij zeggen God dank voor u allen,
telkens wanneer wij uw naam noemen in onze gebeden.
Onophoudelijk gedenken wij
voor het aanschijn van God, onze Vader,
uw werkdadig geloof,
uw onvermoeibare liefde
en uw standvastige hoop op onze Heer Jezus Christus.
Wij weten, broeders en zusters,
dat God u liefheeft en dat gij door Hem zijt uitverkoren,
want wij hebben u het evangelie verkondigd,
niet alleen met woorden,
maar met kracht en heilige Geest en volle overtuiging.
Gij weet trouwens zelf wel hoe ons optreden bij u is geweest:
het was gericht op uw heil.
Allerwegen is uw geloof in God bekend geworden.
Wij hoeven niets meer te zeggen,
men vertelt zelf hoe wij bij u zijn gekomen
en hoe wij door u zijn ontvangen:
hoe gij u van de afgoden tot God hebt bekeerd
om de levende en waarachtige God te dienen,
en uit de hemel zijn Zoon te verwachten,
die Hij uit de dood heeft opgewekt,
Jezus, die ons redt van de komende toorn.

TUSSENZANG                                       Ps. 149, 1-2, 3-4, 5-6a, 9b

Onze Heer die zijn volk bemint,
omkranst de verdrukte met zegekransen.
Alleluia.

Zingt voor de Heer een nieuw gezang,
zijn lof weerklinke te midden der zijnen.
Israël juiche zijn Schepper toe,
laat Sions zonen hun koning begroeten.

Looft zijn Naam in een heilige dans,
bespeelt voor Hem harp en citer.
Want onze Heer, die zijn volk bemint,
omkranst de verdrukte met zegekransen.

Jubelt dus, heiligen, om uw triomf,
viert feest in uw legerplaatsen ;
gaat met het lied van God in uw mond,
een taak die zijn vromen tot eer strekt.

ALLELUIA                                              I  Joh. 2, 5

Alleluia.
Wie het woord van de Heer bewaart,
in Hem is waarlijk Gods liefde volkomen.
Alleluia.

EVANGELIE                                       Mt. 23, 13-22
Wee u, blinde leiders.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs
.

In die tijd sprak Jezus:
“Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars!
Gij sluit het Rijk der hemelen af voor de mensen;
zelf gaat gij er niet binnen,
terwijl gij hun die dit wel willen de toegang verspert.
Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars!
Gij doorkruist zee en land om één bekeerling te maken,
maar als hij het geworden is, maakt gij hem tot een hellekind,
tweemaal erger dan gijzelf!
Wee u, blinde leiders, die zegt:
Als iemand zweert bij de tempel, dan betekent dat niets;
maar als iemand zweert bij het goud van de tempel,
dan is hij gebonden.
Dwazen en blinden!
Wat staat dan hoger:
het goud, of de tempel die het goud heilig maakt?
Of gij die ook zegt:
Als iemand zweert bij het altaar, dan betekent dat niets;
maar als iemand zweert bij de offergave die erop ligt,
dan is hij gebonden.
Blinden!
Wat staat hoger:
de offergave, of het altaar dat de offergave heilig maakt?
Wie dus zweert bij het altaar,
zweert daarbij, en bij alles wat erop ligt.
En wie zweert bij de tempel,
zweert daarbij, en bij Hem die erin woont.
En wie zweert bij de hemel,
zweert bij de troon van God, en bij Hem die erop zetelt.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Gepubliceerd door leopardoel

I am a 90-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: