Maandag – H. Martinus van Tours, b.

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
We lezen vandaag en de volgende dagen uit het boek Wijsheid of de Wijsheid van Salomo, geschreven in het Grieks in Egypte door een gelovige, zeer ontwikkelde en geletterde jood (tussen 200 en 30 v.C.). De schrijver heeft een scherp inzicht in de psychologie van de mensen en kan zich inleven in een ander. Hij is ook een denker die problemen wil oplossen die ook ons nog boeien. Het boek begint met een oproep tot de (heidense) rechters der aarde. Afwijking en dubbelzinnigheid wordt gestraft want God doorziet het hart van de mensen.  De antwoordpsalm speelt prachtig in op deze eerste lezing: Gij kent mij, Heer, en gij doorschouwt mij..’

EERSTE LEZING                        Wijsh. 1, 1-7

De wijsheid is een geest van menslievendheid ;
de geest des Heren vervult de aarde.

Begin van het boek Wijsheid

Bemint de rechtvaardigheid, gij, rechters der aarde!
Weest de Heer indachtig,
en zoekt Hem in goedheid en eenvoud des harten.
Hij laat zich immers vinden door wie Hem niet beproeven,
Hij deelt zich mee aan wie Hem niet wantrouwen.
Dubbelzinnige gedachten verwijderen van God,
en wie zijn kracht op de proef stelt
wordt erdoor geslagen.
In een vals gemoed is geen plaats voor de wijsheid:
deze kan niet wonen in een lichaam, slaaf van het kwaad.
Want de geest van een heilige tucht
verafschuwt alle onoprechtheid,
wil niets te maken hebben met zondige plannen,
en trekt zich terug als de ongerechtigheid nadert.
De wijsheid is weliswaar een geest van menslievendheid,
laat echter de taal van de lasteraar niet ongestraft.
God zelf doorziet het hart der mensen,
is een niet te misleiden waarnemer
van wat in hun binnenste leeft,
en hoort wat hun tong zegt.
Want de geest des Heren vervult de aarde,
en zijn stem is bekend in heel het heelal!

TUSSENZANG              Ps. 139(138), 1-3, 4-6, 7-8, 9-10

Leid mij, Heer, langs beproefde paden.

Gij kent mij, Heer, en Gij doorschouwt mij,
Gij ziet mij waar ik ga of sta.
Van verre kent Gij mijn gedachten,
Gij weet waarom ik bezig ben of rust,
Gij let op al mijn wegen.

Heer, voor het woord nog op mijn tong is
weet Gij reeds wat ik zeggen ga.
Waar ik mij wend, Gij staat op wacht,
uw hand rust altijd op mijn schouder.
Uw kennis is voor mij te wonderbaar,
zo hemelhoog, dat ik ze niet kan vatten.

Waar zou ik ooit ontkomen aan uw Geest,
waar zou ik mij voor uw Gelaat verbergen?
Al stijg ik naar de hemel op : daar zijt Gij reeds,
al daal ik in het dodenrijk : Gij zijt aanwezig ;

Al leen ik ook de vleugels van de dageraad
en strijk ik neer aan gene zijde van de zee :
ook daar is het uw hand die mij blijft leiden,
ook daar houdt Gij mij stevig vast.

ALLELUIA                    Joh. 17, 17b, a

Alleluia.
Uw woord is waarheid, Heer,
wijd ons U toe in de waarheid.
Alleluia.

EVANGELIE                     Lc. 17, 1-6

Als uw broeder zich zevenmaal per dag tot u wendt
met de woorden : het spijt me, dan moet ge hem vergeven.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas

In die tijd sprak Jezus tot zijn leerlingen:
“Dat er ergernissen komen is onvermijdelijk,
maar wee de mens door wiens toedoen ze komen.
Het zou beter voor hem zijn
als men hem een molensteen om de hals deed en in zee wierp,
dan dat hij aan één van deze kleinen aanleiding tot zonde geeft.
Wacht u daarvoor.
Als uw broeder gezondigd heeft, geef hem een berisping;
toont hij dan spijt, vergeef het hem.
Al misdoet hij zevenmaal per dag tegen u,
maar zevenmaal ook wendt hij zich tot u met de woorden:
het spijt me,
dan moet ge hem vergeven.”
De apostelen zeiden nu tot de Heer:
“Geef ons meer geloof.”
De Heer antwoordde:
“Als ge een geloof had als een mosterdzaadje,
zoudt ge tot die moerbeiboom zeggen:
Maak uw wortels los uit de grond en plant u in de zee,
en hij zou u gehoorzamen.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Gepubliceerd door leopardoel

I am a 90-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: