Donderdag – HH. Basilius de Grote en Gregorius van Nazianze, bb. en krkl.

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
Op zijn manier zegt de brief van Johannes hetzelfde als de brief van Paulus aan de Romeinen. Het initiatief is bij God. Hij heeft ons eerst liefgehad. In Jezus heeft God die liefde getoond. God heeft zijn Zoon gezonden. In het evangelie zien we Jezus aan het werk. Hij geeft gestalte aan Gods liefde. Liefde gaat uit naar de ander. Zij voelt mededogen, maar ze handelt ook. Jezus onderricht omdat de mensen Gods boodschap niet kennen. Jezus spijzigt hen omdat ze hongerig zijn. Zijn boodschap gaat naar de totale mens: naastenliefde moet ook blijken in daden. Iets om over na te denken, zowel voor mij persoonlijk als voor de gemeenschap waartoe ik behoor.

EERSTE LEZING                     I Joh. 2, 22-28
Zorgt ervoor dat in u levend blijft wat gij vanaf het begin gehoord hebt.

Uit de eerste brief van de heilige apostel Johannes

Vrienden,

Wie ontkent dat Jezus de verlosser is,
is dat niet de leugenaar?
Dat is de ,antichrist’ :
de loochenaar van de Vader èn van de Zoon.
Wie Christus loochent
kan God niet vinden ;
wie de Zoon belijdt
heeft ook de Vader.
Wat u betreft,
zorgt er voor
dat in u levend blijft
wat gij vanaf het begin gehoord hebt ;
dan zult gij zelf blijven in de Zoon en ook in de Vader.
En gij kent de belofte
die Hij ons zelf gedaan heeft :
de belofte van eeuwig leven.
Dit met het oog op hen die u willen misleiden.
Wat uzelf aangaat,
de inwijding die gij van Hem ontvangen hebt
blijft u bij,
gij hebt geen andere leraar nodig.
Zijn wijding onderricht u in alles ;
ze is waarachtig en zonder bedrog.
Blijft in Hem,
zoals zij het leert.
En nu kinderen,
blijft in Hem.
Dan zijn wij vol vertrouwen als Hij zal verschijnen,
en hoeven wij bij zijn komst niet beschaamd te zijn.

TUSSENZANG             Ps. 98(97), 1, 2-3ab, 3c-4

Verheerlijkt de Heer, alle landen,
weest blij, verheugt u en zingt.

Zingt voor de Heer een nieuw gezang
omdat Hij wonderen deed.
Zijn hand deed zich krachtig gelden,
de macht van zijn heilige arm.

Zijn weldaden deed Hij ons kennen,
de volkeren zijn gerechtigheid.
Opnieuw bleek zijn goedheid en trouw
ten gunste van Israëls huis.

Geheel de aarde aanschouwde
wat onze God voor ons deed.
Verheerlijkt de Heer, alle landen,
weest blij, verheugt u en zingt.

ALLELUIA                                                  Joh. 1, 14 en 12b

Alleluia.
Het Woord is vlees geworden
en heeft onder ons gewoond.
Aan allen die Hem aanvaardden
gaf Hij het vermogen
om kinderen van God te worden.
Alleluia.

EVANGELIE         Joh. 1, 19-28
Hij die na mij komt was eerder dan ik.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes

Dit is het getuigenis van Johannes,
toen de Joden uit Jeruzalem
priesters en levieten naar hem toezonden
om hem te vragen :
“Wie zijt gij!”
Daarop verklaarde hij
zonder enig voorbehoud en met grote stelligheid :
“Ik ben de Messias niet.”
Zij vroegen hem :
“Wat dan?
Zijt gij Elia?”
Hij zei :
“Dat ben ik niet.”
“Zijt gij de profeet?”
Hij antwoordde :
“Neen.”
Toen zeiden zij hem :
“Wie zijt gij dan?
“Wij moeten toch een antwoord geven
aan degenen die ons gestuurd hebben.
“Wat zegt gij over uzelf?”
Hij sprak :
“Ik ben, zoals de profeet Jesaja het uitdrukt
de stem van iemand die roept in de woestijn :
Maakt de weg recht voor de Heer!”
De afgezanten waren uit de kring van de Farizeeën.
Zij vroegen hem :
“Wat doopt gij dan
als gij de Messias niet zijt.
noch Elia, noch de profeet?”
Johannes antwoordde hun :
“Ik doop met water
maar onder u staat Hij die gij niet kent,
Hij die na mij komt,
ik ben niet waardig de riem van zijn sandalen los te maken.”
Dit gebeurde te Betanië,
aan de overkant van de Jordaan.
waar Johannes aan het dopen was.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Gepubliceerd door leopardoel

I am a 90-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: