Donderdag – H. Maria Magdalena

Uitnodiging

Mag ik hiermee Uw aandacht vragen voor
het dagelijks lezen van het Evangelie?

Deze uitnodiging wil U deelgenoot maken aan de vreugde
van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd,
kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen
voor de genezende werking van Gods woord.

Elke morgen vanaf 7 uur ter beschikking

OVERWEGING
In de Oosterse kerk heeft men Maria Magdalena, Maria van Bethanië en de zondares die de voeten zalfde bij Lucas steeds duidelijk uit elkaar gehouden. In het Westen is men sinds Gregorius de Grote die drie gaan verwarren. Maria Magdalena was afkomstig uit Magdala (aan de Westkust van het meer van Tiberias). Ze was, volgens Lucas, een zwaar bezetene en werd door Jezus genezen. Ze zorgde voor hem, samen met enkele andere vrouwen. Ze volgde Hem tot aan het kruis, was begaan met zijn begrafenis en balseming en wordt als een der geprivilegieerde getuigen van de verrijzenis beschouwd. Zij moet het nieuws meedelen aan de anderen (Joh 20, 17-18). Zij werd dan ook later als heilige hoog vereerd.

EERSTE LEZING         Hoogl. 3, 1-4a

Ik vond mijn zielsbeminde! 

Uit het Hooglied

Zo spreekt de bruid: 

“Des nachts op mijn bed zoek ik mijn zielsbeminde,
maar hoe ik ook zoek, ik vind hem niet.
“Ik sta op, doorkruis de stad,
zoek op pleinen en in straten naar mijn zielsbeminde,
maar hoe ik ook zoek, ik vind hem niet.
Daar kom ik de wachters tegen die de stad doorkruisen:
Hebt gij mijn zielsbeminde gezien?
“Nauwelijks ben ik ze voorbij,
of daar vind ik mijn zielsbeminde!”

TUSSENZANG            Ps. 63(62), 2, 3-4, 5-6, 8-9

Naar U, Heer, dorst mijn ziel en hunkert mijn hart.

God, mijn God zijt Gij,
ik zoek U met groot verlangen.
Naar U dorst mijn ziel en hunkert mijn hart
als dorre akkers naar regen.

Zo zie ik omhoog naar de plaats waar Gij woont,
beschouw ik uw macht en uw glorie.
Meer waard dan het leven is mij uw genade,
mijn mond verkondigt uw lof.

Ik zal U prijzen zolang ik leef,
mijn handen uitstrekken naar U.
Mijn ziel wordt verzadigd met voedzame spijs,
mijn mond zal U jubelend danken.

Want Gij zijt altijd mijn beschermer geweest,
ik koester mij onder uw vleugels.
Met heel mijn hart houd ik vast aan U,
het is uw hand die mij steunt.

ALLELUIA

Alleluia.
Zeg het ons, Maria,
wat hebt gij gezien onderweg?
Het graf van Christus dat leeg was,
de glorie van Hem die is opgestaan.
Alleluia.

EVANGELIE           Joh. 20, 1.11-18

Vrouw, waarom schreit ge? Wie zoekt ge?

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Johannes

Op de eerste dag van de week kwam Maria Magdalena
vroeg in de morgen – het was nog donker – bij het graf
en zag dat de steen van het graf was weggerold.
Buiten bij het graf stond zij te schreien,
en al schreiend boog zij zich naar het graf toe
en zag op de plaats waar Jezus’ lichaam gelegen had,
twee in het wit geklede engelen zitten,
een aan het hoofdeinde en een aan het voeteinde.
Zij spraken haar aan:
“Vrouw, waarom schreit ge?”
Zij antwoordde:
“Zij hebben mijn Heer weggenomen
en ik weet niet waar zij Hem hebben neergelegd.”
Toen zij dit gezegd had, keerde zij zich om
en zag Jezus staan, maar zonder te weten dat het Jezus was.
Jezus zei tot haar:
“Vrouw, waarom schreit ge?
“Wie zoekt ge?”
In de mening dat het de tuinman was vroeg zij:
“Heer, mocht gij Hem hebben weggebracht,
zeg mij dan waar ge Hem hebt neergelegd
zodat ik Hem kan weghalen.”
Daarop zei Jezus tot haar:
“Maria!”
Zij keerde zich om en zei tot Hem in het Hebreeuws :
“Rabboeni!”
wat leraar betekent.
Toen sprak Jezus:
“Houd Mij niet vast
want Ik ben nog niet opgestegen naar mijn Vader,
maar ga naar mijn broeders en zeg hun:
Ik stijg op naar mijn Vader en uw Vader,
naar mijn God en uw God.”
Maria Magdalena ging aan de leerlingen berichten
dat zij de Heer gezien had,
en wat Hij haar gezegd had.


Laudato Si

 

Encycliek van

PAUS FRANCISCUS

 

Over de zorg voor het gemeenschappelijk huis 

242. Samen met haar komt binnen de heilige familie van Nazareth de figuur van de heilige Jozef naar voren. Hij zorgde voor en beschermde Maria en Jezus met zijn arbeid en zijn edelmoedige aanwezigheid, en hij bevrijdde hen van het geweld van de onrechtvaardige Herodes door hen naar Egypte te brengen. In het evangelie verschijnt hij als een rechtvaardige, hard werkende, sterke man. Maar van zijn figuur gaat ook een grote tederheid uit, die niet eigen is aan de zwakken, maar aan de werkelijk sterken. Zij hebben lief en dienen nederig. Daarom is hij tot hoeder van de universele Kerk uitgeroepen. Ook hij kan ons leren zorg te dragen, hij kan ons motiveren met edelmoedigheid en tederheid te werken om deze wereld, die God ons heeft toevertrouwd te beschermen.

Wordt vervolgd                            Voor alle voorgaande publicaties scroll omlaag

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen en de zondagen
Laudato Si Officiële Nederlandse vertaling 

______________________________________________________________

Thursday – St. Mary Magdalene

Invitation

May I hereby draw your attention to
the daily reading of the Gospel?

This invitation wants to share with you the joy of the Gospel.
Everyone, no one excepted,
can experience this joy by opening his heart
to the healing effect of God’s word.

Available every morning from 7 am

CONSIDERATION
In the Eastern Church, Mary Magdalene, Mary of Bethany and the sinner who anointed her feet have always been clearly distinguished in Luke. In the West, since Gregory the Great, these three have been confused. Mary Magdalene came from Magdala (on the west coast of Lake Tiberias). She was, according to Luke, a heavily possessed person and was healed by Jesus. She took care of him, together with some other women. She followed him to the cross, was involved in his burial and embalming and is considered one of the privileged witnesses of the resurrection. She had to share the news with the others (Jn 20:17-18). She was therefore later on highly revered as a saint.

FIRST READING      Highl. 3, 1-4a

I found my soul’s beloved! 

From the Song of Songs

Thus speaks the bride:

“At night upon my bed I seek my soul’s beloved,
But however I search, I do not find him.
“I get up, I go through the city,
in the squares and in the streets I look for my soul mate,
but no matter how I search, I cannot find him.
There I meet the watchmen traversing the city:
Hast thou seen my soulmate?
“Hardly have I passed them,
or there I find my soul’s beloved!”

Interludium      Ps. 63(62), 2, 3-4, 5-6, 8-9

To Thee, Lord, my soul thirsts and my heart yearns.

God, my God, art thou,
I seek Thee with great longing.
For you my soul thirsts and my heart yearns
Like dry fields for rain.

Thus I look up to the place where thou dwellest,
I behold Thy power and Thy glory.
Worthier to me than life is your grace,
my mouth proclaims Your praise.

I will praise Thee as long as I live,
stretching forth my hands unto Thee.
My soul shall be satisfied with nourishing food,
my mouth shall jubilantly give thanks unto Thee.

For thou hast always been my protector,
I will bask under Thy wings.
With all my heart I cling to Thee,
It is Your hand that sustains me.

ALLELUIA

Alleluia.
Tell us, Mary,
what hast thou seen on the way?
The tomb of Christ that was empty,
the glory of Him who is risen.
Alleluia.

GOSPEL       John 20, 1.11-18

Woman, why do you weep? Whom do you seek?

From the Holy Gospel of our Lord Jesus Christ according to
John

On the first day of the week, Mary Magdalene
came to the tomb early in the morning – it was still dark – and saw that the stone had been removed from the tomb.
Outside by the grave she stood weeping,
and while she was weeping she bent down to the grave
and saw on the spot where Jesus’ body had lain,
two angels clothed in white,
one at the head and one at the foot.
They spoke to her:
“Woman, why do you weep?”
She answered:
“They have taken away my Lord
and I know not where they have laid it.
When she had said this, she turned round
and saw Jesus standing, but without knowing that it was Jesus.
Jesus said to her:
“Woman, why do you weep?
“Who are you looking for?”
Thinking it was the gardener, she asked:
“Lord, if you have taken Him away,
tell me where you have put him
so that I may take him away.”
Thereupon Jesus said to her:
“Mary!”
She turned and said to Him in Hebrew :
“Rabbuni!”
which means teacher.
Then Jesus spoke:
“Do not hold on to Me
for I have not yet ascended to my Father,
but go to my brothers and say to them:
I ascend to my Father and your Father,
to my God and your God.”
Mary Magdalene went to tell the disciples
that she had seen the Lord
and what He had said to her.

______________________________________________________________

Laudato Si

Encyclic of

POPE FRANCIS

On Care of the Common Home 

242. Together with her, within the holy family of Nazareth, the figure of Saint Joseph emerges. He cared for and protected Mary and Jesus with his labour and his generous presence, and he freed them from the violence of the unjust Herod by taking them to Egypt. In the Gospels, he appears as a just, hard-working, strong man. But his figure also expresses a great tenderness, which is not characteristic of the weak, but of the truly strong. They love and serve humbly. That is why he has been proclaimed the guardian of the universal Church. He too can teach us to care, he can motivate us to work with generosity and tenderness to protect this world that God has entrusted to us.

To be continued                              For all previous publications please scroll down

The Bible text in this edition is taken from De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Recitals from Liturgical suggestions for weekdays and Sundays
Laudato Si Official English translation

______________________________________________________________

Gepubliceerd door leopardoel

I am a 90-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: