Uitnodiging
Mag ik hiermee Uw aandacht vragen voor
het dagelijks lezen van het Evangelie?
Deze uitnodiging wil U deelgenoot maken aan de vreugde
van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd,
kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen
voor de genezende werking van Gods woord.
Elke dag ter beschikking
Overweging
Jezus heeft het eerste verbond van God met zijn volk naar zijn diepste bedoelingen beleefd. Wet en Profeten werden in Hem volkomen vervuld en voltooid. Van dit nieuwe en unieke verbond kunnen ook wij dienaar worden. God zelf maakt ons daartoe bekwaam. Hij geeft immers zijn Geest, die levend maakt en het vertrouwen sterkt. God wil mensen laten delen in het geluk dat Hij voor hen heeft weggelegd. En Hij toont ook welke weg men kan bewandelen om van dat geluk te proeven, namelijk de weg van Jezus. Zo maakt Hij ook ons bekwaam om een optimaal antwoord te geven op zijn liefde. daarom: Gij zult mij de weg van het leven wijzen om heel mijn vreugde te vinden bij U.(Ps 16)
EERSTE LEZING 1 Kon. 18, 20-39
Geef antwoord, opdat dit volk erkent dat Gij, Heer,
de ware god zijt, en keer zo hun hart weer tot U.
Uit het eerste Boek der Koningen
In die dagen
zond konig Achab een boodschap aan alle Israëlieten
en liet alle profeten op de berg Karmel bijeenkomen.
Elia verscheen voor heel het volk en vroeg :
“Hoe lang blijft gij nog op twee gedachten hinken ?
“Als de Heer God is, volg Hem dan ;
is het Baäl, volg dan Baäl.”
Maar de mensen gaven hem geen antwoord.
Toen zei Elia tot het volk :
“Ik ben de enige profeet van de Heer die overgebleven is ;
de profeten van Baäl zijn vierhonderd man sterk.
“Geef ons twee stieren.
“Laat de profeten van Baäl een van beide stieren uitkiezen,
hem aan stukken houwen en op het hout leggen ;
ze mogen het hout echter niet aansteken.
“Dan zal ik de andere stier klaarmaken en op het hout leggen,
maar ook het hout niet aansteken.
“Roep dan de naam van uw god aan ;
ik zal de naam van de Heer aanroepen ;
de god die door vuur antwoordt is de ware god.”
En heel het volk riep :
“Dat is goed.”
Toen zei Elia tot de profeten van Baäl :
“Begint gij maar met het uitkiezen van de stier
en met hem klaar te maken, want gij zijt met velen.
“Roept dan de naam van uw god aan ;
maar ge moogt geen vuur aansteken.”
Zij namen dus de stier die hun gegeven werd,
maakten hem klaar en riepen van de ochtend tot de middag
de naam van Baäl aan :
“Baäl, geef ons antwoord !”
Maar er klonk geen geluid en er kwam geen antwoord,
hoe zij ook sprongen rond het altaar dat zij gebouwd hadden.
Toen het middag geworden was, riep Elia ze spottend toe :
“Roept toch wat harder; hij is immers een god.
“Hij is zeker in gedachten verzonken
of hij heeft zich afgezonderd of is op reis ;
misschien slaapt hij wel en moet hij gewekt worden.”
Toen riepen ze nog harder
en kerfden zich naar gewoonte met zwaarden en speren,
tot het bloed langs hun lijf droop.
Het middaguur verstreek,
maar zij gingen uitzinnig ermee door
tot de tijd van het avondoffer ;
maar er klonk geen geluid en er kwam geen antwoord :
Zij vonden geen gehoor.
Nu zei Elia tot het volk :
“Kom dichterbij.”
En allen kwamen dichter bij hem staan.
Toen richtte hij het altaar van de Heer,
dat omvergehaald was, weer op.
Hij nam twaalf stenen,
overeenkomstig het aantal stammen
van de zonen van Jakob,
tot wie de Heer gezegd heeft :
Israël zult gij heten.
Van die stenen bouwde hij een altaar voor de Heer,
maakte rondom het altaar een geul
met een inhoud van twee maten zaaikoren,
stapelde de houtblokken op elkaar,
hakte de stier in stukken en legde die op het hout.
Toen zei hij :
“Vul vier kruiken met water
en giet die uit over het brandoffer en het hout.”
Daarna zei hij :
Doe het nogmaals.”
En toen ze het nogmaals gedaan hadden, zei hij :
“Nu voor de derde keer.”
Toen ze het voor de derde keer gedaan hadden,
stroomde het water langs alle kanten van het altaar af ;
ook de geul liet hij met water vullen.
Toen het uur van het avondoffer gekomen was,
trad de profeet Elia naar voren en zei :
“Heer, God van Abraham, Isaäk en Israël,
toon heden dat Gij God zijt in Israël,
en dat ik, uw dienaar, dit alles op uw bevel heb gedaan.
“Geef antwoord, Heer, geef antwoord,
opdat dit volk erkent dat Gij, Heer, de ware God zijt,
en keer zo hun hart weer tot U.”
Toen sloeg het vuur van de Heer neer,
verteerde het brandoffer, het hout, de stenen en het stof ;
het likte zelfs het water in de geul op.
Toen de mensen dit zagen,
wierpen ze zich voorover op de grond en riepen :
“De Heer is de ware god ! De Heer is de ware god !”
TUSSENZANG Ps. 16(15), 1-2a, 4, 5, 8, 11
Behoed mij, God, tot U neem ik mijn toevlucht.
Behoed mij, God, tot U neem ik mijn toevlucht ;
Gij zijt mijn Heer, ik erken het.
Maar hij stort zichzelf in het ongeluk
die vreemde afgoden naloopt.
Ik zal ze geen plengoffers brengen van bloed,
hun naam komt mij niet over mijn lippen
De Heer is mijn erfdeel, mijn dronk uit de beker,
Hij heeft mijn lot in zijn hand.
Steeds houd ik mijn ogen gericht op de Heer,
ik val niet, want Hij staat naast mij.
Gij zult mij de weg van het leven wijzen
om heel mijn vreugde te vinden bij U,
bestendig geluk aan uw zijde.
ALLELUIA Ps. 25(24), 4c, 5a
Alleluia.
Leer mij uw paden kennen, Heer ;
leid mij volgens uw woord.
Alleluia
EVANGELIE Mt. 5, 17-19
Ik ben niet gekomen om op te heffen
maar om de vervulling te brengen.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs
In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen :
“Denkt niet dat Ik gekomen ben
om Wet en Profeten op te heffen
maar om de vervulling te brengen.
“Want voorwaar, Ik zeg u :
Eerder nog zullen hemel en aarde vergaan,
dan dat één jota of haaltje vergaat uit de Wet,
voordat alles geschied is.
“Wie dus een van die voorschriften,
zelfs het geringste,
opheft en zo de mensen leert,
zal de geringste geacht worden in het Rijk der hemelen,
maar wie ze onderhoudt en leert
zal groot geacht worden in het Rijk der hemelen.”
__________________________________________________________________________________
APOSTOLISCHE EXHORTATIE LAUDATE DEUM
VAN DE HEILIGE VADER
PAUS FRANCISCUS
AAN ALLE MENSEN
VAN GOEDE WIL
67. De joods-christelijke visie op de kosmos verdedigt de unieke en centrale waarde van de
mens te midden van het prachtige concert van al Gods schepselen, maar vandaag de dag
zien we onszelf gedwongen te beseffen dat het alleen mogelijk is een “gesitueerd
antropocentrisme” in stand te houden. Met andere woorden: erkennen dat het menselijk
leven onbegrijpelijk en onhoudbaar is zonder andere wezens. Want “als onderdeel van het
universum… zijn we allemaal met elkaar verbonden door onzichtbare banden en vormen we
samen een soort universele familie, een sublieme gemeenschap die ons vervult met een
heilig, liefdevol en nederig respect”.
Wordt vervolgd
De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling,
©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen en de zondagen
Laudato Deum Officiële Nederlandse vertaling
_____________________________________________________________________________