http://kerkengeloof.wordpress.com

Vrijdag – H. Franciscus van Assisi

De heilige Franciscus is geboren in 1181 of 1182.  Gestorven 3 Okt 1226.
Stichter kloosterorde franciscanen of minderbroeders.  Heilig verklaard 16 juli 1228.

Uitnodiging

Mag ik hiermee Uw aandacht vragen voor
het dagelijks lezen van het Evangelie?

Deze uitnodiging wil U deelgenoot maken aan de vreugde
van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd,
kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen
voor de genezende werking van Gods woord.

Iedere dag beschikbaar.

Overweging
God komt tussen vanuit de storm. Hij geeft een antwoord, maar geen verklaring, geen uitleg, geen oplossing. Het enige antwoord is: ‘Ik ben God. Mijn wegen zijn uw wegen niet’. Job aanvaardt dit en zwijgt onderdanig. Kon het Oude Testament verder gaan dan dit antwoord ? Later zal Jezus op Golgota de schreeuw van Job evenaren en zelfs overtreffen. De totaal onschuldige vraagt om recht. God zal antwoorden op de derde dag. Dat is ons geloof.

EERSTE LEZING                 Job 38, 1.12-21 ; 40, 3-5
Hebt gij ooit de dageraad zijn plaats gewezen
of zijt ge ooit doorgedrongen tot de bronnen der zee ?

Uit het Boek Job

Toen gebeurde het
dat de Heer vanuit de storm antwoord gaf aan Job en sprak :
“Hebt ge ooit in uw leven de morgen ontboden,
de dageraad zijn plaats gewezen
om de uiteinden der aarde te grijpen,
zodat de bozen er afgeschud worden ?
“De aarde verandert van aanblik gelijk leem onder een zegel
en wordt kleurrijk als een kleed.
“Dan wordt aan de bozen het licht ontnomen,
hun opgeheven arm gebroken.
“Zijt ge ooit doorgedrongen tot de bronnen der zee
of hebt ge gewandeld
in de onnaspeurbare diepte van de oceaan ?
“Zijn u de poorten van de dood getoond
en hebt ge de poorten der duisternis aanschouwd ?
“Hebt ge enig gedacht over de uiteinden der aarde ?
“Vertel als ge dit alles weet !
“Waar is de weg naar de verblijfplaats van het licht,
en de duisternis, waar heeft die haar plaats,
dat ge ze naar hun gebied kunt brengen,
ze kunt terugleiden op de paden naar hun huis ?
“Ge weet dat toch, want toen waart ge geboren,
en het getal uwer dagen is groot !”
En Job antwoordde en sprak tot de Heer :
“Zie, ik ben te onbeduidend ; wat kan ik U antwoorden ?
“Ik leg mijn hand op mijn mond.
“Eenmaal heb ik gesproken, maar ik doe het niet meer ;
tweemaal, maar verder ga ik niet.”

TUSSENZANG                Ps. 139(138), 1-3, 7-8, 9-10, 13-14

Leid mij, Heer, langs beproefde paden.

Gij kent mij, Heer, en Gij doorschouwt mij,
Gij ziet mij waar ik ga of sta.
Van verre kent Gij mijn gedachten,
Gij weet waarom ik bezig ben of rust.

Waar zou ik ooit ontkomen aan uw Geest,
waar zou ik mij voor uw Gelaat verbergen ?
Al stijg ik naar de hemel op : daar zijt Gij reeds,
al daal ik in het dodenrijk : Gij zijt aanwezig.

Al leen ik ook de vleugels van de dageraad
en strijk ik neer aan gene zijde van de zee :
ook daar is het uw hand die mij blijft leiden,
ook daar houdt Gij mij stevig vast.

Want wat er in mij is hebt Gij geschapen,
Gij hebt mij als een weefsel
in de moederschoot gevormd.
Ik dank U voor het wonder van mijn leven,
voor alle wonderwerken die Gij hebt gemaakt.

ALLELUIA              Ps. 119(118), 88

Alleluia.
Wees mij barmhartig en laat mij leven, Heer,
dan blijf ik aan wat Gij verordent trouw.
Alleluia.

EVANGELIE                   Lc. 10, 13-16
Wie Mij verstoot, verstoot Hem die Mij gezonden heeft.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Lucas

In die tijd zei Jezus :
“Wee u, Chórazin, wee u, Betsaïda !
“Tyrus en Sidon zouden reeds lang, neerzittend in zak en as,
zich bekeerd hebben,
indien bij hen de wonderen waren gebeurd
die bij u hebben plaatsgevonden.
“Ja, het lot van Tyrus en Sidon
zal bij het oordeel beter te dragen zijn
dan dat van u.
“En gij, Kafarnaüm
zult ge soms tot de hemel toe verheven worden ?
“Tot in de onderwereld zult ge neerzinken.
“Wie naar u luistert, luistert naar Mij ;
en wie u verstoot, verstoot Mij.
“Wie Mij verstoot
verstoot Hem die Mij gezonden heeft.”
___________________________________________________

Fratelli tutti

Encycliek van

PAUS FRANCISCUS

Over broederschap en sociale vriendschap

56. Alles wat ik in het vorige hoofdstuk heb vermeld, is meer dan een
steriele beschrijving van de realiteit, aangezien “de vreugde en de hoop,
het verdriet en de angst van de mensen van vandaag, vooral van de armen
en van hen die, hoe ook, te lijden hebben, evenzeer de vreugde en de hoop,
het verdriet en de angst van de leerlingen van Christus zijn: er is werkelijk
niets bij mensen te vinden dat geen weerklank vindt in hun hart”. Om
een licht te vinden te midden van hetgeen wij meemaken, wil ik voordat ik
enkele actielijnen uiteenzet, een hoofdstuk wijden aan de parabel die door
Jezus tweeduizend jaar geleden is verteld. Immers, hoewel deze brief tot
alle mensen van goede wil gericht is, wat hun religieuze overtuigingen
ook zijn, drukt de parabel zich op zo’n manier uit dat ieder van ons zich
hierdoor kan laten bevragen.

“Juist op dat moment stond er een advocaat op om Jezus op de proef te stellen. ‘Leraar’, zei hij, ‘wat moet ik doen om het eeuwige leven te beërven?’ Hij zei tegen hem: ‘Wat staat er in de wet? Hij antwoordde: ‘Gij zult de Heer, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht en met geheel uw verstand, en uw naaste als uzelf.’ En Hij zei tegen hem: ‘Je hebt het juiste antwoord gegeven; doe dit en je zult leven.’ Maar omdat hij zichzelf wilde rechtvaardigen, vroeg hij Jezus: ‘En wie is mijn naaste?’ Jezus antwoordde: ‘Een man ging van Jeruzalem naar Jericho en viel in handen van rovers, die hem uitkleedden, sloegen en weggingen, hem halfdood achterlatend. Toevallig ging een priester die weg af en toen hij hem zag, ging hij aan de andere kant voorbij. Zo ging ook een Leviet, toen hij daar kwam en hem zag, aan de andere kant voorbij. Maar een reizende Samaritaan kwam bij hem in de buurt, en toen hij hem zag, werd hij met medelijden bewogen. Hij ging naar hem toe en verbond zijn wonden, nadat hij er olie en wijn over had gegoten. Toen zette hij hem op zijn eigen dier, bracht hem naar een herberg en verzorgde hem. De volgende dag nam hij twee denarii, gaf ze aan de herbergier en zei: ‘Zorg voor hem en als ik terugkom, zal ik je terugbetalen wat je nog meer uitgeeft. Wie van deze drie, denk je, was een buurman van de man die in de handen van de rovers viel?” Hij zei: ‘Degene die hem barmhartigheid bewees.’ Jezus zei tegen hem: ‘Ga heen en doe hetzelfde'”(Lc 10:25-37).

Wordt vervolgd
Elke dag om 7 uur am

 

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling,
©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.

Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen en de zondagen
Fratelli tutti Officiële Nederlandse vertaling
__________________________________________________________________

Geef een reactie

Ontdek meer van KERK en GELOOF/CHURCH and FAITH

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder