Elfde zondag door het jaar

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Openingswoord

In het evangelie is Jezus uitgenodigd
voor een maaltijd bij Simon, een Farizeeër.
Maar er komt ook een onverwachte en ongenode gast binnen.
Het gaat om een vrouw die weet heeft van haar zonden,
maar tegelijkertijd Jezus heel bewust wil ontmoeten;
ze maakt dat ook duidelijk in haar gebaren.
Ondanks haar niet zo fraaie geschiedenis wil ze bij Hem zijn.
Jezus let meer op onze uitingen van liefde
dan op onze zonden en ons kwaad.
Wie bij de barmhartige Heer aanklopt, doet dat nooit tevergeefs.
“Uw geloof heeft u gered,
ga in vrede”, zo spreekt Jezus tot haar.

EERSTE LEZING                                                2  Sam.  12, 7-10.13

De Heer heeft uw zonde vergeven; ge zult niet sterven.

Uit het tweede boek Samuël
.

In die dagen sprak de profeet Nathan tot David:
“Zo spreekt de HEER, de God van Israël;
Ik heb u gezalfd tot koning over Israël,
ik heb u bevrijd uit de macht van Saul,
ik heb u het huis van uw heer geschonken
en u de beschikking gegeven over de vrouwen van uw heer;
ik heb u het huis van Israël en Juda gegeven,
en als dat te weinig is, wil ik er nog evenveel aan toevoegen.
“Waarom hebt gij dan het gebod van de HEER geminacht
en gedaan wat hem mishaagt?
Uria de Hethiet hebt gij met het zwaard geslagen,
zijn vrouw hebt gij u toegeëigend
en hemzelf hebt gij vermoord door het zwaard van de Ammonieten.
“Welnu het zwaard zal nooit meer wijken van uw huis,
omdat gij Mij hebt geminacht
en de vrouw van Uria de Hethiet tot vrouw hebt genomen.”

Toen zei David tot Natan:
“Ik heb tegen de HEER gezondigd.”
Natan antwoordde:
“Dan heeft de HEER u deze zonde vergeven:
gij zult niet sterven.”

ANTWOORDPSALM                                               Ps. 32(31) 1-2, 5, 7 en 11

Keervers
Vergeef, Heer, de schuld van mijn zonden.

Gelukkig degene wiens fout werd vergeven,
wiens zonde door God werd bedekt.
Gelukkig de mens die geen schuld heeft bij God,
wiens hart geen misdaad verbergt.

Toen heb ik mijn zonde beleden voor U,
mijn schuld niet langer ontkend.
Ik sprak: voor de Heer beken ik mijn fout;
toen hebt Gij mijn zonde vergeven.

Mijn toevlucht zijt Gij, mijn redder in nood,
Gij hult mij in voorspoed en vreugde.
Weest blij in de Heer, alle vromen,
verheugt u en jubelt, oprechten van hart.

TWEEDE LEZING                                       Gal. 2, 16.19-21

Ik leef niet meer, Christus leeft in mij.

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de Galaten
.

Broeders en zusters,

Wij weten dat de mens niet gerechtvaardigd wordt
door de wet te onderhouden,
maar alleen door het geloof in Christus Jezus.
Ook wij zijn daarom in Christus Jezus gaan geloven,
om rechtvaardiging te verkrijgen door het geloof,
en niet door daden die de wet voorschrijft;
“Want door zulke daden zal geen mens gerechtvaardigd worden,”
zegt de Schrift.

Want ik ben dood voor de wet;
door de wet ben ik gestorven
om te leven voor God.
Met Christus ben ik gekruisigd.
Ik leef niet meer.
Christus leeft in mij.
Dit sterfelijk bestaan is voor mij nog slechts
leven vanuit het geloof in Gods Zoon,
die mij heeft liefgehad en zichzelf voor mij heeft overgeleverd.
Alleen zó erken ik de genade van God.
Als de wet ons kon rechtvaardigen,
dan was Christus voor niets gestorven.

Vers voor het evangelie                                         1 Joh. 4, 10b

Alleluia.
God heeft ons het eerst liefgehad
en Hij heeft zijn Zoon gezonden
om onze zonden uit te wissen.
Alleluia.

EVANGELIE                                            Lc. 7, 36-8, 3 of 7, 36-50

Haar zonden zijn haar vergeven, al zijn ze nog zo talrijk, want ze heeft veel liefde betoond.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas.
.

In die tijd vroeg een van de Farizeeën Jezus bij zich te eten,
Jezus trad het huis van de Farizeeër binnen en ging aanliggen.
Een vrouw nu, die in de stad als zondares bekend stond,
was te weten gekomen
dat Jezus in het huis van de Farizeeër te gast was.
Zij nam een albasten vaasje met balsem mee
en ging schreiend achter Hem, bij zijn voeten staan.
Haar tranen maakten zijn voeten nat,
die ze met haar hoofdhaar afdroogde.
Zij kuste ze keer op keer en zalfde ze met de balsem.
Toen de Farizeeër die Hem uitgenodigd had dit zag,
zei hij bij zichzelf:
“Als dit een profeet was zou Hij weten
wie en wat voor een vrouw het is die Hem aanraakt;
het is immers een zondares.”
Jezus gaf hem ten antwoord :
“Simon, ik heb u iets te zeggen.”
Waarop deze zei:
“Zeg het, Meester.”
“Een geldschieter had twee schuldenaars
de een was hem vijfhonderd, de ander vijftig denariën schuldig.
“Omdat zij die niet konden teruggeven
schold hij ze aan allebei kwijt.
“Wie van hen zal nu het meest van hem houden?”
“Ik veronderstel,
– antwoordde Simon –
diegene aan wie hij het meeste heeft kwijtgescholden.”
Jezus zei tot hem:
“Uw oordeel is juist.”
Daarop keerde Hij zich tot de vrouw en zei tot Simon:
“Ge ziet die vrouw daar?
Ik kwam uw huis binnen;
ge hebt niet eens water over mijn voeten gegoten,
maar mijn voeten zijn nat geworden door haar tranen
en zij heeft ze met haar haren afgedroogd.
Gij hebt Mij niet eens een kus gegeven,
maar zij hield sinds Ik binnenkwam
niet op mijn voeten te kussen.
Gij hebt mijn hoofd niet met olie gezalfd,
maar zij heeft mijn voeten gezalfd met balsem.
Daarom zeg ik u:
haar zonden zijn haar vergeven, al zijn ze nog zo talrijk
want zij heeft veel liefde betoond.
Weinig liefde betoont hij
aan wie weinig wordt vergeven.”
Daarop sprak Hij tot haar:
“Uw zonden zijn u vergeven.”
De andere gasten vroegen zich af:
“Wie is deze man, die zelfs zonden vergeeft?”
Jezus zei tot de vrouw:
“Uw geloof heeft u gered: ga in vrede.”

(Er volgde nu een tijd
waarin Hij predikend rondtrok door stad en dorp
en de Blijde Boodschap van het Rijk Gods verkondigde.
De twaalf vergezelden Hem
en ook enkele vrouwen
die van boze geesten en ziekten verlost waren:
Maria, die Magdalena wordt genoemd,
uit wie zeven duivels waren weggegaan,
Johanna, de vrouw van Herodes’ rentmeester Chuzas,
Suzanna en vele anderen,
die uit eigen middelen voor hen zorgden.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

 

Gepubliceerd door leopardoel

I am a 90-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: