Uitnodiging
Mag ik hiermee Uw aandacht vragen voor het dagelijks lezen van het Evangelie?
Deze uitnodiging wil U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.
Elke dag ter beschikking
Overweging Wat de geloofsverkondiger heeft is eigenlijk niet van hem. Het is bestemd om met anderen gedeeld te worden. De geloofsverkondiger ‘moet zijn plaats kennen’. Deze nederigheid bezat Johannes de Doper. Hij wijst Jezus aan, Hij (h)erkent Hem! Een geloofsverkondiger heeft als zending Jezus aan te wijzen, Hem te belijden. Veel meer dan dat kan hij of zij feitelijk niet doen. Als de ander door zijn woord en door zijn wijze van in het leven staan de weg naar Jezus vindt is zijn taak volbracht. De rest doet de Heer zelf wel. ‘Hij moet groter worden, maar ik kleiner’. EERSTE LEZING I Joh. 5, 14-21 God luistert naar ons als wij Hem iets vragen. Uit de eerste brief van de heilige apostel Johannes Vrienden, Ons vertrouwen op God geeft ons de zekerheid dat Hij naar ons luistert als wij Hem iets vragen overeenkomstig zijn wil. En als wij weten dat Hij naar al ons vragen luistert mogen wij er ook zeker van zijn dat onze gebeden al zijn verhoord. Als iemand zijn broeder een zonde ziet bedrijven die niet voert tot de dood moet hij voor zijn broeder bidden en God zal hem in leven houden, dat wil zeggen, als zijn zonde hem niet doodt. Want er is een zonde die voert tot de dood; hiervoor geldt mijn aansporing om te bidden niet. Maar hoewel elke verkeerde daad zonde is brengt niet elke zonde de dood. Wij weten dat een kind van God niet zondigt ; de Zoon van God behoedt hem en de boze heeft geen vat op hem. Wij weten dat wij bij God horen terwijl de hele wereld in de macht van de boze ligt. Wij weten dat de Zoon van God gekomen is en dat Hij ons inzicht gegeven heeft om de waarachtige God te kennen, en wij zijn in de waarachtige God want wij zijn in Jezus Christus, zijn Zoon. Dit is de ware God, dit is eeuwig leven ! Kinderen, wacht u voor valse goden. TUSSENZANG Ps. 149, 1-2, 3-4, 5, 6a, 9b Onze Heer, die zijn volk bemint, omkranst de verdrukte met zegekransen. of : Alleluia. Zingt voor de Heer een nieuw gezang, zijn lof weerklinke te midden der zijnen. Israël juiche zijn Schepper toe, laat Sions zonen hun koning begroeten. Looft zijn Naam in een heilige dans, bespeelt voor Hem harp en citer. Want onze Heer, die zijn volk bemint, omkranst de verdrukte met zegekransen. Jubelt dus, heiligen, om uw triomf, viert feest in uw legerplaatsen. Voltrek aan hen het vonnis van God, de taak die zijn vromen tot eer strekt. ALLELUIA cf. 1 Tim. 3, 16 Alleluia. Geprezen zij de Heer, omdat Hij verkondigd werd onder de volken ; geprezen zij de Heer, omdat Hij geloofd werd in de wereld. Alleluia. EVANGELIE Joh. 3, 22-30 De vriend van de bruidegom is vol blijdschap wanneer hij de stem van de bruidegom verneemt. Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes In die tijd ging Jezus met zijn leerlingen het land van Judea in, bleef daar enige tijd met hen en doopte er. Ook Johannes diende te Enon bij Salem het doopsel toe, omdat daar veel water was ; men ging daarheen om zich te laten dopen. Johannes was namelijk nog niet in de gevangenis geworpen. Enige leerlingen uit de kring van Johannes geraakten in een twistgesprek met een Jood over reinigingskwesties. Zij gingen naar Johannes en zeiden hem : “Rabbi, de man die met u was aan de overkant van de Jordaan en over wie gij een getuigenis hebt gegeven : nu Hij aan het dopen is lopen ze allemaal naar Hèm toe.” Johannes gaf hun ten antwoord : “Een mens kan zich niets toeëigenen, tenzij het hem vanuit de hemel gegeven is. “Gij zijt zelf mijn getuigen dat ik gezegd heb : Ik ben de Messias niet maar een gezondene om voor Hem uit te gaan. “De bruidegom is hij die de bruid heeft, maar de vriend van de bruidegom die staat te luisteren of hij hem hoort, is al vol blijdschap wanneer hij de stem van de bruidegom verneemt. “Zo nu is mijn vreugde en ze is volkomen. “Hij moet groter worden maar ik klein ___________________________________________Laudato Si
Encycliek van
PAUS FRANCISCUS
Over de zorg voor het gemeenschappelijk huis
De Koningin van heel de schepping 241. Maria, de moeder die de zorg had voor Jezus, zorgt nu met moederlijke genegenheid en smart voor deze wereld. Zoals zij met doorboord hart weende over de dood van Jezus, zo heeft zij nu medelijden met het lijden van de gekruisigde armen en met de schepselen van deze wereld die door menselijke macht te gronde worden gericht. Zij, geheel van gedaante veranderd, leeft met Jezus en alle schepselen bezingen haar schoonheid. Zij is de vrouw, “bekleed met de zon, de maan, onder haar voeten en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren” (Apok. 12, 1). Opgenomen ten hemel, is zij moeder en koningin van heel de schepping. In haar verheerlijkt lichaam, verenigd met de verrezen Christus, heeft een deel van de schepping de volheid van haar schoonheid bereikt. Zij bewaart in haar hart niet alleen het gehele leven van Jezus, die zij met zorg “bewaakte” (vgl. Luc. 2, 19.51), maar begrijpt nu ook de zin van alles. Daarom kunnen wij haar vragen dat zij ons helpt met wijze ogen naar deze wereld te kijken. Wordt vervolgd Elke dag om 7 am De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007. Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen en de zondagen Laudato Si Officiële Nederlandse vertaling. __________________________________________________________________________