Toen de dag aanbrak, verzamelde zich een groep Joden, die zwoeren dat ze niet zouden eten of drinken voor ze Paulus hadden gedood. Meer dan veertig mannen namen aan deze samenzwering deel. Ze gingen naar de hogepriesters en oudsten en zeiden:’ We hebben een heilige eed gezworen om niets meer te eten voor we PaulusMeer lezen over “Samenzwering tegen Paulus Hand. 23 : (12-35)”
Auteur archief:leonardus
Verdedigingsrede van Paulus. Hand. 22 :(1-30)
‘Broeders, zusters, en u, leden van het Sanhedrin, luister naar wat ik tot mijn verdediging heb aan te voeren.’ Toen de menigte hoorde dat hij hen in het Hebreeuws toesprak, werd het nog stiller. Paulus vervolgde:’ Ik ben een Jood, geboren in Tarsus in Cilicië, maar opgegroeid in deze stad. Ik heb als leerling aanMeer lezen over “Verdedigingsrede van Paulus. Hand. 22 :(1-30)”
Paulus gearresteerd. Hand. 21:(27-40)
Toen de zeven dagen van de reiniging bijna verstreken waren, zagen Joden uit Asia Paulus in de tempel. Ze grepen hem vast en brachten grote opschudding teweeg onder de tempelbezoekers. Ze schreeuwden: ‘Israëlieten, kom ons helpen! Dit is de man die zich telkens weer tegen het Joodse volk keert en tegen de wet en deMeer lezen over “Paulus gearresteerd. Hand. 21:(27-40)”
Naar Tyrus en Caesarea. Hand. (21: 1-26)
Nadat we ons met moeite van hen hadden losgemaakt, kozen we zee en zetten rechtstreeks koers naar Kos. De dag daarop bereikten we Rhodos, en van daar voeren we naar Patara. Daar vonden we een schip dat de oversteek naar Fenicië zou maken. We gingen aan boord en voeren weg. We kregen Cyprus in zicht,Meer lezen over “Naar Tyrus en Caesarea. Hand. (21: 1-26)”
Afscheid van de gemeente van Efeze. Hand. 20:(13-38)
Wij scheepten ons in en voeren alvast naar Assus, waar we Paulus overeenkomstig zijn wens aan boord zouden nemen, want hij wilde het eerste stuk te voet afleggen. Toen hij zich in Assus weer bij ons had gevoegd aan boord van het schip, voeren we verder naar Mitylene, van waar we de volgende dag vertrokkenMeer lezen over “Afscheid van de gemeente van Efeze. Hand. 20:(13-38)”
Via Macedonië en Griekenland naar Troas. Hand. (20: 1-12)
Toen het tumult bedaard was, riep Paulus de leerlingen bij zich om hun moed in te spreken. Daarna nam hij afscheid en vertrok naar Macedonië. Op zijn reis door dat gebied bemoedigde hij de gelovigen op velerlei wijze. Ten slotte kwam hij in Griekenland aan, waar hij drie maanden bleef. Kort voordat hij per schipMeer lezen over “Via Macedonië en Griekenland naar Troas. Hand. (20: 1-12)”
Volksoproer in Efeze Hand. 19: (23-40)
Omstreeks die tijd ontstond er grote opschudding naar aanleiding van de Weg. Dat kwam door een zekere Demetrius, een zilversmid die Artemis-tempeltjes vervaardigde en zo zijn ambachtslieden een ruim inkomen verschafte. Hij riep hen en de arbeiders die bij de werkzaamheden betrokken waren bijeen en zei tegen hen: ‘Mannen, jullie weten dat onze welvaart afhankelijkMeer lezen over “Volksoproer in Efeze Hand. 19: (23-40)”
Paulus in Korinte. Hand. (18.)
Restanten van het oude Korinte. Na deze gebeurtenissen verliet hij Athene en ging naar Korinte. Daar leerde hij Aquila kennen, een Jood uit Pontus, die kort daarvoor met zijn vrouw Priscilla uit Italië was gekomen omdat Claudius had bevolen dat alle Joden Rome moesten verlaten. Paulus bracht hun een bezoek, en omdat ze hetzelfde ambachtMeer lezen over “Paulus in Korinte. Hand. (18.)”
Paulus in Athene. Hand. (17:16-34)
Terwijl Paulus in Athene op hen wachtte, raakte hij hevig verontwaardigd bij het zien van de vele godenbeelden in de stad. In de synagoge sprak hij met de Joden en met de Grieken die God vereerden, en op het marktplein ging hij dagelijks in debat met de mensen die hij daar aantrof. Onder hen waren ookMeer lezen over “Paulus in Athene. Hand. (17:16-34)”
In Tessalonica en Berea (Hand. 17)
Via Amfipolis en Apollonia reisden ze naar Tessalonica, waar de Joden een synagoge hadden. Zoals gewoonlijk ging Paulus naar hen toe, en drie sabbatdagen achtereen debatteerde hij met hen. Aan de hand van teksten uit de Schrift toonde hij aan dat de messias moest lijden en sterven en daarna uit de dood moest opstaan. ‘DezeMeer lezen over “In Tessalonica en Berea (Hand. 17)”