
De H. Dionysius is patroon van Frankrijk en de stad Parijs.
Bij de christenvervolging rond het jaar 285 is hij onthoofd.

De H. Johannes Leonardi was een priester die in 1574
de Reguliere Clerici van de Moeder Gods stichtte.
Uitnodiging
Mag ik hiermee Uw aandacht vragen voor
het dagelijks lezen van het Evangelie?
Deze uitnodiging wil U deelgenoot maken aan de vreugde
van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd,
kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen
voor de genezende werking van Gods woord.
Elke dag ter beschikking
Overweging
We volgen Jezus op zijn reis naar Jeruzalem. Stilaan zal de betekenis van deze reis ons duidelijk worden; het is de tocht die wij allen gaan, doorheen leven en lijden naar Pasen toe. Uit het onderricht van Jezus zullen we dag aan dag leren hoe deze tocht af te leggen; welke gevaren en moeilijkheden ons wachten; maar ook welke vreugde we zullen ontvangen, omdat Jezus ons leidt op deze weg naar Gods koninkrijk. Het boek Jona kondigt de kern van de komende evangelies al aan. Herhaaldelijk horen we dezelfde bewoordingen: Sta op…ga…; en hij stond op. Durven wij op te staan en op weg te gaan om van de Heer te getuigen?
EERSTE LEZING Gal. 2, 1-2.7-14
Zij erkenden de mij geschonken genade.
Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de Galaten
Broeders en zusters,
Ik ben naar Jeruzalem gegaan,
samen met Barnabas,
en ik nam ook Titus mee.
God had te kennen gegeven dat ik moest gaan.
Ik legde hun – dat wil zeggen, de mannen van aanzien –
in besloten vergadering het evangelie voor
dat ik onder de heidenen verkondig.
Ik wilde er zeker van zijn
dat ik niet voor niets had gewerkt of zou werken.
Zij, van hun kant, zagen in
dat aan mij het evangelie was toevertrouwd voor de heidenen,
juist zoals aan Petrus het evangelie was toevertrouwd
voor de Joden.
Want Hij
die Petrus gesterkt had voor het apostelschap onder de Joden,
had mij kracht gegeven om apostel te zijn bij de heidenvolken.
Zij erkenden dus de mij geschonken genade
en zij
-dat wil zeggen Jakobus, Kefas en Johannes, die steunpilaren –
reikten Barnabas en mij de hand
als teken van gemeenschap :
Wij zouden naar de heidenen gaan,
zij naar de Joden.
Maar wij moesten wel hun armen blijven gedenken,
wat ik dan ook van harte gedaan heb.
Maar toen Kefas in Antiochië kwam
heb ik mij openlijk tegen hem verzet,
want het ongelijk was duidelijk aan zijn kant.
Eerst at hij gewoon met de heidenchristenen mee,
maar toen sommige mensen van Jakobus gekomen waren,
begon hij zich terug te trekken en zich afzijdig te houden
uit vrees voor de mannen van de besnijdenis.
De andere Joodse christenen deden aan dit spel mee ;
zelfs Barnabas liet zich door hun veinzerij meeslepen.
Toen ik zag dat hun gedrag
niet strookte met de waarheid van het evangelie,
zei ik tegen Kefas waar allen bij waren :
“Als jij, een geboren Jood,
leeft als een heiden en niet als een Jood,
met welk recht
kun je dan de heidenen dwingen om te leven als Joden ?”
TUSSENZANG Ps. 116, 117(116), 1, 2
Gaat uit over de hele wereld
en verkondigt het evangelie aan heel de schepping
of : Alleluia.
Looft nu de Heer, alle naties der aarde,
huldigt de Heer, alle volken rondom.
Omdat Hij bij ons zijn goedheid getoond heeft;
de trouw van de Heer houdt in eeuwigheid stand.
ALLELUIA Mt. 11, 25
Alleluia.
Ik prijs U, Vader, Heer van hemel en aarde,
omdat Gij deze dingen
hebt geopenbaard aan kinderen.
Alleluia.
EVANGELIE Lc. 11, 1-4
Heer, leer ons bidden.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Lucas
Op een keer was Jezus ergens aan het bidden.
Toen Hij ophield zei een van zijn leerlingen tot Hem :
“Heer,
leer ons bidden,
zoals Johannes het ook aan zijn leerlingen geleerd heeft.”
Hij sprak tot hen :
“Wanneer ge bidt, zegt dan :
Vader, uw Naam worde geheiligd,
uw Rijk kome.
“Geef ons iedere dag ons dagelijks brood,
en vergeef ons onze zonden,
want ook wijzelf vergeven aan ieder die ons iets schuldig is.
“En leid ons niet in bekoring.”
Fratelli tutti
Encycliek van
PAUS FRANCISCUS
Over broederschap en sociale vriendschap
61. Er is een reden om het hart zo wijd te maken dat het de vreemdeling
niet uitsluit en deze kan men al vinden in de oudste teksten van de Bijbel.
Het is het gevolg van de voortdurende herinnering van het joodse volk als
vreemdeling in Egypte geleefd te hebben:
“Een vreemdeling mag u niet slecht behandelen en hem niet onderdrukken,
omdat u zelf vreemdelingen was in Egypte” (Ex. 22, 20).
“Een vreemdeling mag u niet onderdrukken. Ook u kent het leven van de
vreemdeling, omdat u zelf vreemdelingen was in Egypte
“Wanneer er een vreemdeling in uw land woont, mag u die niet onderdrukken.
Vreemdelingen die bij u wonen hebben dezelfde rechten als wie bij
u geboren is. U moet hen liefhebben als uzelf, want u bent zelf vreemdelingen
geweest in Egypte” (Lev. 19, 33-34).
“Wanneer u de oogst van uw wijngaard inzamelt, mag u niet terugkomen
om een nalezing te houden. Dat is het deel van vreemdelingen, weduwen en
wezen. Bedenk dat u slaaf bent geweest in Egypte” (Deut. 24, 21-22).
In het Nieuwe Testament weerklinkt krachtig de oproep tot broederlijke liefde:
“Want één gebod bevat de hele wet in zijn volheid: Gij zult uw naaste
liefhebben als uzelf ” (Gal. 5, 14).
“Wie zijn broeder liefheeft, blijft in het licht en hij komt niet ten val.
Maar wie zijn broeder haat, is in duisternis” (1 Joh. 2, 10-11).
“Wij weten dat wij zijn overgegaan van de dood naar het leven, omdat wij
onze broeders liefhebben. Wie niet lief heeft, is nog in het gebied van de
dood” (1 Joh. 3, 14).
“Want als hij zijn broeder die hij ziet niet liefheeft, kan hij God niet
liefhebben die hij nooit heeft
Wordt vervolgd
Elke dag om 7 uur am
De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling,
©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen en de zondagen
Fratelli tutti Officiële Nederlandse vertaling
____________________________________________________________________________