Gedachtenis van de Heilige Maagd Maria
Koningin van hemel en aarde
Uitnodiging
Mag ik hiermee Uw aandacht vragen voor
het dagelijks lezen van het Evangelie?
Deze uitnodiging wil U deelgenoot maken aan de vreugde
van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd,
kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen
voor de genezende werking van Gods woord.
Iedere dag beschikbaar.
_OVERWEGING
Verheerlijkt tot in haar lichaam verschijnt Maria ons in de glorie van haar Tenhemelopneming als de hoogste en mooiste vrucht van de verlossing. Als Moeder van Hem wiens Rijk geen einde kent, is zij ook voor alle mensen een machtige voorspreekster op hun weg naar de heerlijkheid van de kinderen Gods.
(Uit het Missaal voor de weekdagen)
EERSTE LEZING Ruth 1, 1.3-6. 14b-16.22
Noömi keerde met Ruth,
de Moabitische, naar Betlehem terug.
In de tijd van de rechters brak er in het land
een hongersnood uit.
Een man, Elimélek, trok weg uit Betlehem in Juda
en hij vestigde zich als vreemdeling in de vlakte van Moab,
samen met zijn vrouw Noömi en zijn twee zonen.
Elimélek stierf
en zijn vrouw Noömi bleef achter met haar twee zonen.
Deze trouwden beiden met een Moabitische vrouw:
de ene vrouw heette Orpa, de andere Ruth.
Ongeveer tien jaar woonden zij daar.
Toen stierven ook de beide zonen
en bleef Noömi alleen achter,
beroofd van haar beide kinderen en haar man.
Samen met haar schoondochters
vertrok zij uit de vlakte van Moab,
want zij had gehoord
dat de Heer zich het lot van zijn volk had aangetrokken
en het weer te eten gaf.
Toen kuste Orpa haar schoonmoeder vaarwel,
maar Ruth klemde zich aan haar vast.
Noömi zei:
“Je schoonzuster keert terug
naar haar volk en haar goden.
Ga toch met haar mee!”
Maar Ruth antwoordde:
“Dring er niet langer op aan dat ik u verlaat en terugkeer,
zover van u weg.
Waar gij gaat, ga ik;
waar gij blijft, blijf ik.
Uw volk is mijn volk, uw God is mijn God.”
Zo keerde Noömi,
samen met haar schoondochter Ruth, de Moabitische,
uit de vlakte van Moab terug.
Zij kwamen in Betlehem aan bij het begin van de gersteoogst.
TUSSENZANG Ps. 146(145), 5-6, 7, 8-9a, 9bc-10
De Heer zal ik loven mijn leven lang.
Alleluia.
Gelukkig wie hulp zoekt bij Jakobs God,
zijn hoop stelt op God de Heer;
op Hem die hemel en aarde gemaakt heeft,
de zee met al wat daar leeft.
De Heer doet altijd zijn woord gestand,
verdrukten verschaft Hij recht.
De Heer geeft brood aan wie honger heeft,
gevangenen geeft Hij de vrijheid.
De ogen van blinden opent de Heer,
gebrokenen richt Hij weer op.
De Heer bemint de rechtvaardigen,
De Heer behoedt de ontheemden.
De Heer geeft wees en weduwe steun,
maar zondaars laat Hij verdwalen.
De Heer is koning in eeuwigheid,
uw God, Sion, heerst over alle geslachten.
ALLELUIA Jak. 1, 21
Alleluia.
Neemt met zachtmoedigheid het woord van God aan
dat in u werd geplant,
en de kracht bezit
uw zielen te redden.
Alleluia.
EVANGELIE Mt. 22, 34-40
Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart,
geheel uw ziel en geheel uw verstand.
In die tijd toen de Farizeeën vernamen
dat Jezus de Sadduceeën de mond gesnoerd had,
kwamen zij bijeen en een van hen, een wetgeleerde,
vroeg Jezus om Hem op de proef te stellen:
“Meester, wat is het voornaamste gebod in de Wet?”
Hij antwoordde hem:
“Gij zult de Heer uw God beminnen
met geheel uw hart, geheel uw ziel en geheel uw verstand.
Dit is het voornaamste en eerste gebod.
Het tweede, daarmee gelijkwaardig:
Gij zult uw naaste beminnen als uzelf.
Aan deze twee geboden hangt heel de Wet en de Profeten.”
_______________________________________________________
Laudato Si
Encycliek van
PAUS FRANCISCUS
Over de zorg voor het gemeenschappelijke huis
90. Dit betekent niet om alle levende wezens gelijk te stellen en de mens
de bijzondere waarde te ontnemen die tegelijkertijd een ontzettende
verantwoordelijkheid inhoudt. En dit brengt evenmin een vergoddelijking
van de aarde met zich mee, die ons de roeping zou ontnemen om met haar
samen te werken en de broosheid ervan te beschermen. Deze opvattingen
zouden uiteindelijk een nieuwe onevenwichtigheid teweeg brengen in een
poging de werkelijkheid die ons uitdaagt te ontvluchten.68 Men ziet soms
een obsessie om de menselijke persoon iedere superioriteit te ontzeggen.
Het moet ons echter met zorg vervullen dat er met de andere levende
wezens op een onverantwoordelijke wijze wordt omgegaan. Maar wij
zouden vooral verontwaardigd moeten zijn over de geweldige ongelijkheid
die er onder ons mensen bestaat, omdat wij het blijven tolereren dat
sommigen zich waardiger dan de ander beschouwen. Wij merken niet meer
dat sommigen zich voortslepen in een vernederende ellende, zonder
mogelijkheden die te boven te komen terwijl anderen zelfs niet weten wat
ze moeten doen met hetgeen ze bezitten, ijdel te koop lopen met een
vermeend superioriteitsgevoel en een dergelijk niveau van verspilling
bereiken dat men onmogelijk zou kunnen veralgemeniseren zonder de
planeet te verwoesten. Wij blijven in feite toestaan dat sommigen zich
meer mens dan anderen voelen, alsof ze met grotere rechten geboren
wklagen over het uitsterven van een soort, als was het een verminking”.
Dit betekent niet om alle levende wezens gelijk te stellen en de mens
de bijzondere waarde te ontnemen die tegelijkertijd een ontzettende
verantwoordelijkheid inhoudt. En dit brengt evenmin een vergoddelijking
van de aarde met zich mee, die ons de roeping zou ontnemen om met haar
samen te werken en de broosheid ervan te beschermen. Deze opvattingen
zouden uiteindelijk een nieuwe onevenwichtigheid teweeg brengen in een
poging de werkelijkheid die ons uitdaagt te ontvluchten. Men ziet soms
een obsessie om de menselijke persoon iedere superioriteit te ontzeggen.
Het moet ons echter met zorg vervullen dat er met de andere levende
wezens op een onverantwoordelijke wijze wordt omgegaan. Maar wij
zouden vooral verontwaardigd moeten zijn over de geweldige ongelijkheid
die er onder ons mensen bestaat, omdat wij het blijven tolereren dat
sommigen zich waardiger dan de ander beschouwen. Wij merken niet meer
dat sommigen zich voortslepen in een vernederende ellende, zonder
mogelijkheden die te boven te komen terwijl anderen zelfs niet weten wat
ze moeten doen met hetgeen ze bezitten, ijdel te koop lopen met een
vermeend superioriteitsgevoel en een dergelijk niveau van verspilling
bereiken dat men onmogelijk zou kunnen veralgemeniseren zonder de
planeet te verwoesten. Wij blijven in feite toestaan dat sommigen zich
meer mens dan anderen voelen, alsof ze met grotere rechten geboren
waren.
Wordt vervolgd
Elke dag om 7 am
De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling,
©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen en de zondagen
Laudato Si Officiële Nederlandse vertaling
_____________________________________________________________________________