http://kerkengeloof.wordpress.com

Zaterdag van de tweede week in de veertigdagentijd

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
De vader uit het evangelie is het aangedane onrecht al lang vergeten. Hij wil de opstanding van zijn zoon vieren met een groots feest. Hij maakt van de verloren gelopen zoon een nieuw geborene. De weggelopen zoon krijgt een feest, de ander niet. Hoe begrijpen wij dat de relatie met God begint voorbij het plichtsbewustzijn?

EERSTE LEZING              Mich.7, 14-15.18-20

God zal onze zonden naar de bodem van de zee verwijzen.

Uit de profeet Micha

Neem uw herdersstaf en weid uw volk, Heer,
de schapen die uw erfdeel zijn ;
tussen de bomen, midden in het woud,
zijn zij zo vereenzaamd.
Laat ze weiden in Bazan en Gilead,
zoals in vroegere dagen. Ik laat wonderen zien,

Ik laat wonderen zien,
zoals in de dagen dat gij uit Egypte wegtrokt.

Welke God is als Gij, die de schuld vergeeft,
die voorbijgaat aan de zonde,
door de rest van zijn erfdeel bedreven ;
die zijn toorn niet altijd laat duren,
maar zijn vreugde vindt in goedheid ?

Hij zal zich opnieuw over ons ontfermen,
Hij zal onze schuld
onder zijn voeten verpletteren.
Al hun zonden zal Hij
naar de bodem van de zee verwijzen.

Aan Jakob zult Gij uw trouw,
aan Abraham uw goedheid tonen,
zoals Gij het onze vaderen hebt gezworen,
in de dagen van weleer.

TUSSENZANG                Ps. 103(102), 1-3, 3-4,9-10, 11-12

De Heer is barmhartig en welgezind.

Verheerlijk, mijn ziel, de Heer,
zijn heilige Naam uit het diepst van uw wezen !
Verheerlijk, mijn ziel, de Heer,
vergeet zijn weldaden niet !

Hij is het die u uw schulden vergeeft,
die u geneest van uw kwalen.
Hij is het die u van de ondergang redt,
die u omringt met zijn gunst en erbarmen.

Hij blijft niet voortdurend verwijten maken,
Hij is niet voor eeuwig vertoornd.
Hij handelt met ons niet zoals wij verdienen,
vergeldt ons niet onze schuld.

Zo wijd als de hemel de aarde omspant,
zo alomvattend is zijn erbarmen.
Zo ver als de afstand van oost tot west,
zo ver verdrijft Hij van ons de zonde.

VERS VOOR HET EVANGELIE               Lc. 15, 18

Ik ga weer naar mijn vader
en ik zal hem zeggen :
Vader, ik heb misdaan tegen de hemel  en tegen u.

EVANGELIE                       Lc. 15, 1-3.11-32

Uw broer was dood en is levend geworden.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Lucas

In die tijd kwamen telkens weer
tollenaars en zondaars van allerlei slag bij Jezus
om naar Hem te luisteren.
De Farizeeën en de schriftgeleerden morden daarover en zeiden :
“Die man ontvangt zondaars en eet met hen.”
Hij hield hun deze gelijkenis voor :
“Een man had twee zonen.
“Nu zei de jongste van hen tot zijn vader.
Vader geef mij het deel van het bezit waarop ik recht heb.
“En hij verdeelde zijn vermogen onder hen.
“Niet lang daarna pakte de jongste zoon alles bij elkaar
en vertrok naar een ver land.
“Daar verkwistte hij zijn bezit in een losbandig leven.
“Toen hij alles opgmaakt had
kwam er een verschrikkelijke hongersnood over dat land
en hij begon gebrek te lijden.
“Nu ging hij in dienst bij een der inwoners van dat land
die hem het veld instuurde om varkens te hoeden.
“En al had hij graag zijn buik willen vullen
met de schillen die de varkens aten,
niemand gaf ze hem.
“Toen kwam hij tot nadenken en zei :
Hoeveel dagloners van mijn vader hebben eten in overvloed,
en ik verga hier van de honger.
“Ik ga weer naar mijn vader
en ik zal hem zeggen :
Vader, ik heb misdaan tegen de hemel en tegen u;
ik ben niet meer waard uw zoon te heten
maar neem mij aan als een van uw dagloners.
“Hij ging dus op weg naar zijn vader.
“Zijn vader zag hem al in de verte aankomen
en hij werd door medelijden bewogen ;
hij snelde op hem toe
viel hem om de hals en kuste hem hartelijk.
“Maar de zoon zei tot hem :
Vader, ik heb misdaan tegen de hemel en tegen u;
ik ben niet meer waard uw zoon te heten.
“Doch de vader gelastte zijn knechten :
Haalt vlug het mooiste kleed en trekt het hem aan,
steekt hem een ring aan zijn vinger en trekt hem sandalen aan.
Haalt het gemeste kalf en slacht het ; laten we eten en feestvieren,
want deze zoon van mij was dood en is weer levend geworden,
hij was verloren en is teruggevonden.
“Ze begonnen dus feest te vieren.

“Intussen was zijn oudste zoon op het land.
“Toen hij echter terugkeerde en het huis naderde
hoorde hij muziek en dans.
“Hij riep een van de knechten
en vroeg wat dat te betekenen had.
“Deze antwoordde :
Uw broer is thuisgekomen
en uw vader heeft het gemeste kalf laten slachten
omdat hij hem gezond en wel heeft teruggekregen.
“Maar hij werd kwaad en wilde niet naar binnen.
“Toen zijn vader naar buiten kwam en bij hem aandrong
gaf hij zijn vader ten antwoord :
Al zoveel jaren dien ik u en nooit heb ik uw geboden overtreden,
toch hebt gij mij nooit een bokje gegeven
om eens met mijn vrienden feest te vieren.
“En nu die zoon van u is gekomen
die uw vermogen heeft verbrast met slechte vrouwen,
hebt ge voor hem het gemeste kalf laten slachten.
“Toen antwoordde de vader :
Jongen, jij bent altijd bij me
en alles wat van mij is is ook van jou.
“Maar er moet feest en vrolijkheid zijn,
omdat die broer van je dood was en levend is geworden,
verloren was en is teruggevonden.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands BijbelgenootschDe bijbeltekstap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Vrijdag van de tweede week in de veertigdagentijd

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
Het verhaal van Jozef die verkocht wordt, wil ons aan het denken zetten en ons plaatsen voor onze eigen opdracht en onze eigen zwakheden. Het is een waarschuwing, net zoals het evangelieverhaal over de zoon van de wijngaardenier.
Jozef wordt later de redder van zijn broers. Jezus geeft zijn leven voor zijn vijanden. Zijn kruisdood was het toppunt van goddelijke liefde.

EERSTE LEZING            Gen. 37, 3-4.12-13a. 17b-28

Zie, daar komt de dromer, laten wij hem doden.

Uit het Boek Genesis

Israël hield meer van Jozef dan van al zijn andere zonen,
omdat hij hem nog op zijn oude dag had gekregen.
Hij had voor hem een prachtig kleed laten maken.
De broers bemerkten dat hun vader meer van Jozef hield
dan van hen,
en zij gingen hem zo haten
dat ze geen goed woord meer voor hem overhadden.
Eens waren zijn broers bij Sichem
de kudden van hun vader gaan weiden,
toen Israël tot Jozef zei :
“Je weet dat je broers de kudde weiden bij Sichem.
Zou je niet naar hen toe willen gaan ?”
Jozef ging daarop zijn broers achterna
en vond hen inderdaad in Dotan.
Zij hadden hem al in de verte zien aankomen,
en voor hij bij hen was, smeedden zij het plan om hem te doden.
Zij zeiden tot elkaar :
“Daar komt hij aan, de grote dromer !
“Nu hebben we de kans.
“We vermoorden hem en gooien hem in een put.
“We kunnen zeggen dat een wild beest hem verslonden heeft.
“Dan zullen we eens kijken wat er van zijn dromen terecht komt !”
Toen Juda dit hoorde,
probeerde hij Jozef uit hun handen te redden en zei :
“We mogen hem niet doden.”
Ruben zei tot hen :
“Vergiet toch geen bloed !
“Ginds in de steppe is een put ;
gooi hem daarin, maar sla niet de hand aan hem.”
Hij wilde hem immers uit hun handen redden
en bij zijn vader terugbrengen.
Zodra Jozef bij zijn broers kwam,
trokken zij hem het kleed uit,
het prachtige kleed dat hij droeg,
grepen hem en wierpen hem in de put.
De put was leeg en er stond geen water in.
Terwijl ze zaten te eten,
zagen zij ineens een karavaan van Ismaëlieten,
die van Gilead kwam.
De kamelen waren beladen met gom, balsem en hars ;
zij waren op weg naar Egypte
om de koopwaar daar af te leveren.
Nu zei Juda tot zijn broers :
“Wat hebben we eraan, die broer van ons te vermoorden
en zijn bloed te bedekken !
Laten wij hem liever aan de Ismaëlieten verkopen
en niet de hand aan hem slaan ;
hij is toch een broer van ons, ons eigen vlees.”
Zijn broers stemden daarmee in.
Toen Midjanitische kooplieden voorbijkwamen,
trokken de broers Jozef uit de put
en verkochten hem voor twintig sikkel zilver aan de Ismaëlieten.
De kooplieden voerden Jozef naar Egypte.

TUSSENZANG          Ps. 105(104), 16-17, 18-19, 20-21

Vergeet nooit de wonderen die de Heer deed.

De Heer zond een hongersnood over het land
en deed de broodstokken breken.
Hij zond een enkele man voor hen uit
toen Jozef als slaaf verkocht werd.

Zijn voeten werden met kluisters geboeid,
zijn hals in een band van ijzer ;
totdat gebeurde wat hij had voorzegd,
het woord van de Heer hem bevrijdde.

De koning liet hem uit de kerker ontslaan,
de heerser der volken gaf hem de vrijheid.
Hij stelde hem aan als heer van zijn huis,
beheerder van heel zijn have.

VERS VOOR HET EVANGELIE             Ez. 18, 31

Werpt alle overtredingen die gij begaan hebt, van u weg,
zegt de Heer,
en vernieuwt uw hart en geest.

EVANGELIE             Mt. 21, 33-43.45-46

Dat is de erfgenaam ; laten wij hem vermoorden.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Matteüs

In die tijd sprak Jezus
tot de hogepriesters en de oudsten van het volk :
“Luistert naar een andere gelijkenis :
Er was eens een landeigenaar die een wijngaard aanlegde ;
hij zette er een heining omheen,
hakte een wijnpers erin uit
en bouwde een wachttoren.
“Daarop verpachtte hij hem aan wijnbouwers
en vertrok naar de vreemde.
“Toen de tijd van de oogst gekomen was
zond hij zijn dienaars naar de wijnbouwers
om de opbrengst in ontvangst te nemen.
“Maar de wijnbouwers grepen zijn dienaars vast.
“Zij mishandelden de een,
doodden de ander en stenigden een derde.
“Daarop zond hij andere dienaars,
talrijker dan de eersten ;
maar zij behandelden hen op dezelfde manier.
“Tenslotte stuurde hij zijn zoon naar hen toe,
in de veronderstelling
dat zij zijn zoon wel zouden ontzien.
“Maar toen de wijnbouwers de zoon zagen,
zeiden ze onder elkaar :
Dat is de erfgenaam ;
vooruit, laten we hem vermoorden
en ons zijn erfenis toeëigenen.
“Ze grepen hem vast,
wierpen hem de wijngaard uit en doodden hem.
Wanneer nu de eigenaar van de wijngaard komt,
wat zal hij dan wel met die wijnbouwers doen ?”
Ze antwoordden Hem :
“Hij zal die ellendelingen een ellendige dood doen sterven
en zijn wijngaard zal hij aan andere wijnbouwers verpachten,
die hem de opbrengst op vastgestelde tijd zullen afdragen.”
Toe sprak Jezus tot hen :
“Hebt gij nooit in de Schrift gelezen :
De steen die de bouwlieden hebben afgekeurd
is juist de hoeksteen geworden.
Op last van de Heer is dat gebeurd
en het is wonderbaar in onze ogen.
“Daarom zeg Ik u :
het Rijk Gods zal u ontnomen worden
en gegeven aan een volk
dat wel de vruchten daarvan opbrengt.”

Toen de hogepriesters en Farizeeën
zijn gelijkenissen gehoord hadden
begrepen ze dat Hij over hen sprak.
Zij zonnen dus op een middel om zich van Hem meester te maken,
maar ze waren bang voor het volk
omdat men Hem voor een profeet hield.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Donderdag van de tweede week in de veertigdagentijd

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

OVERWEGING

Valt er bij ons nooit iets van de tafel? Misschien is het voor ons moeilijk geworden de armen rondom ons te zien. Eigenlijk worden zij, telkens wanneer wij “maaltijd houden”,mee op ons bord gelegd. Voor wie met het Woord van de Heer rekening wil houden is er een uitweg: de bekering tot de ware naastenliefde!

EERSTE LEZING                  Jer. 17, 5-10

Vervloekt is hij die op mensen vertrouwt ; gezegend is hij die op de Heer vertrouwt.

Uit de Profeet Jeremia

Dit zegt God de Heer :
“Vervloekt is hij die op mensen vertrouwt,
die steunt op een schepsel en zich afkeert van de Heer.
“Hij is een kale struik in de steppe,
nooit krijgt hij regen.
“Hij staat op dorre woestijngrond,
in een onvruchtbaar, verlaten gebied.
“Gezegent is hij die op de Heer vertrouwt,
en zich veilig weet bij Hem.
“Hij is een boom aan een rivier,
de wortels tot in het water.
“Hij heeft geen last van de hitte,
zijn bladeren blijven groen.
“Een tijd van droogte deert hem niet,
hij blijft altijd vrucht dragen.
“Niets is zo onbetrouwbaar als het hart,
onverbeterlijk is het, wie kan het peilen ?
“Ik, God de Heer, doorgrond hart en nieren,
Ik vergeld ieder naar zijn gedrag,
naar de vrucht van zijn werk.”

TUSSENZANG                      Ps. 1, 1-2, 3, 4, 6

Gelukkig is de man,
die op de Heer zijn hoop stelt (Ps. 40 (39), 5a)

Gelukkig de man die weigert te doen
wat goddelozen hem raden ;
die niet de wegen der zondaars gaat,
niet zit te midden der spotters.

Hij is als een boom, aan het water geplant,
die vruchten draagt op zijn tijd ;
des zomers verdorren zijn bladeren niet,
maar al wat hij doet brengt hem voorspoed.

De goddelozen vergaat het zo niet :
de wind blaast hen weg als kaf.
De Heer immers let opde weg der gerechten,
de weg van de zondaars loopt dood.

VERS VOOR HET EVANGELIE        Ps. 130(129), 5 en 7

Op de Heer stel ik mijn hoop,
op zijn woord vertrouw ik ;
want de Heer is steeds barmhartig,
zijn genade onbeperkt.

EVANGELIE                             Lc. 16, 19-31

Gij hebt uw deel van het goede gekregen en Lazarus viel het kwade ten deel.
Nu ondervindt hij vertroosting en wordt gij gefolterd.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas

In die tijd zei Jezus tot de Farizeeën :
“Er was eens een rijk man
die in purper en fijn linnen gekleed ging
en iedere dag uitbundig feest vierde,
terwijl een arme, die Lazarus heette,
met zweren overdekt voor de poort lag.
“Hij verlangde er naar zijn honger te stillen
met wat bij de rijkaard van de tafel viel.
“maar er kwamen alleen honden die zijn zweren likten.
“Nu gebeurde het dat de arme stierf
en door de engelen in de schoot van Abraham werd gedragen.
“De rijke stierf ook en kreeg een eervolle begrafenis.
sloeg hij zijn ogen op en zag van verre Abraham
en Lazarus in diens schoot.
“Toen riep hij uit :
Vader Abraham, ontferm u over mij
en geef Lazarus opdracht de top van zijn vinger in water te dopen
en mijn tong daarmee te komen verfrissen,
want ik word door de vlammen hier gefolterd.
“Maar Abraham antwoordde :
Mijn zoon, herinner u hoe gij tijdens uw leven
uw deel van het goede hebt gekregen
en hoe op gelijke manier aan Lazarus het kwade ten deel viel ;
daarom ondervindt hij nu hier de vertroosting
maar wordt gij gefolterd.
Daarenboven gaapt er tussen ons en u voorgoed een wijde kloof,
zodat er geen mogelijkheid bestaat,
– zelfs als men het zou willen –
van hier naar u te gaan noch van daar naar ons te komen.
“De rijke zei :
Dan vraag ik u, vader Abraham,
dat gij hem naar het huis van mijn vader wilt sturen,
want ik heb nog vijf broers ;
laat hij hen waarschuwen
opdat zij niet eveneens
in deze plaats van pijniging terecht komen.
“Maar Abraham sprak :
Zij hebben Mozes en de profeten ; laat ze naar hen luisteren.
“Maar hij zei : Och neen, vader Abraham !
Maar als er een uit de doden naar hen toegaat,
zullen ze zich bekeren.
“Hij echter sprak tot hem :
Als ze naar Mozes en de profeten niet luisteren,
zullen ze zich ook niet laten overreden
als er iemand uit de doden opstaat.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling,©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

 

Woensdag van de tweede week in de veertigdagentijd

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
Jezus wist goed wat Hem te wachten stond. Hij was geen beter lot beschoren dan Jeremia en de andere profeten. In de loop van de heilsgeschiedenis werden velen uitgenodigd om ‘profetisch’ in het leven te staan. Daarop ingaan betekent een zwaar kruis op zich nemen. In deze veertigdagentijd wordt ons de gelegenheid gegeven ons te bezinnen over wat van ons als gezondenen verwacht wordt. Wat zullen wij antwoorden?

EERSTE LEZING                     Jer. 18, 18-20

We beramen aanslag op hem.

Uit de Profeet Jeremia

Die het gemunt hadden op het leven van de profeet zeiden :
“We beramen een aanslag op Jeremia.
“Nooit ontbreekt het de priesters aan onderricht,
de wijzen aan raad of de profeten aan woorden.
“Wij letten niet meer op wat hij zegt.”

Geef mij gehoor, Heer God, luister naar mijn klacht :
Mag men goed met kwaad vergelden ?
Toch graven zij een kuil voor mij.
Vergeet niet, dat ik voor u stond
om voor hen ten beste te spreken
en uw toorn van hen af te wenden.

TUSSENZANG            Ps. 31(30), 5-6, 14, 15-16

Red mij, Heer, door uw genade.

Het net dat de mensen mij heimelijk spannen
ontkom ik door U die mij altijd beschermt.
Vertrouwvol leg ik mijn geest in uw handen,
Gij zult mij beschermen, getrouwe God.

Ik hoor ze fluisteren om mij heen,
aan alle kanten bedreiging.
Zij smeden te zamen een plan tegen mij
om mij het leven te nemen.

Toch blijf ik op U vertrouwen, Heer,
steeds zeg ik : Gij zijt mijn God.
Gij hebt mijn lot in uw hand,
bevrijd mij van mijn vervolgers.

VERS VOOR HET EVANGELIE             Joh. 11, 25a en 26

Ik ben de verrijzenis en het leven, zegt de Heer ;
wie in Mij gelooft zal in eeuwigheid niet sterven.

EVANGELIE                 Mt. 20, 17-28

De hogepriesters en de schriftgeleerden zullen Jezus ter dood veroordelen.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Matteüs

Toen Jezus van plan was naar Jeruzalem te gaan
nam Hij de twaalf apart en onderweg sprak Hij tot hen :
“Wij gaan nu naar Jeruzalem,
waar de Mensenzoon aan de hogepriesters en
schriftgeleerden zal worden overgeleverd.
“Zij zullen Hem ter dood veroordelen
en aan de heidenen overleveren
om Hem te bespotten, te geselen en te kruisigen ;
maar op de derde dag zal Hij verrijzen.”
Toentertijd trad de moeder van de zonen van Zebedeüs
samen met hen op Jezus toe
en wierp zich voor zijn voeten om Hem iets te vragen.
Hij sprak tot haar :
“Wat verlangt ge ?”
Zij antwoordde Hem :
“Laat deze twee jongens van mij in uw Koninkrijk zitten,
één aan uw rechter- en één aan uw linkerhand.”
Maar Jezus antwoordde :
“Gij weet niet wat ge vraagt.
“Zijt gij in staat de beker te drinken die Ik ga drinken ?”
Zij zeiden hem :
“Ja, dat kunnen wij.”
Hij sprak :
“Inderdaad, mijn beker zult gij drinken,
maar het is niet aan Mij
u te doen zitten aan mijn rechter- of linkerhand,
omdat alleen zij dit verkrijgen
voor wie mijn Vader dit heeft bereid.”
Toen de tien anderen dit hoorden
werden zij kwaad op de beide broers.
Jezus echter  riep hen bij zich en sprak :
“Gij weet dat de heersers der volkeren
hen met ijzeren vuist regeren
en dat de groten misbruik maken van hun macht over hen.
“Dit mag bij u niet het geval zijn ;
wie onder u groot wil worden
moet dienaar van u zijn,
en wie onder u de eerste wil zijn
moet slaaf van u wezen,
zoals ook de Mensenzoon
niet gekomen is om gediend te worden,
maar om te dienen
en zijn leven te geven als losprijs voor velen.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Dinsdag van de tweede week in de veertigdagentijd

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
“Kom dan – zegt de Heer – laten we het uitpraten”. Het is nu  de ‘gunstige tijd’ om ons af te wenden van het kwaad. Wij mogen op de uitnodiging van de Heer ingaan, niet zoals de Farizeeën die weten hoe het allemaal moet en zichzelf boven de wet stellen. Maar, door onszelf in vraag te stellen als vader, als leraar, als meester.

EERSTE LEZING                          Jes. 1, 10. 16-20

Leer het goede te doen en onderhoud het recht.

Uit de Profeet Jesaja

Luister ! het woord van de Heer !
“Ga u wassen, ga u reinigen ;
uit mijn ogen met uw boze daden !
“Houd op met kwaad te doen, leer het goede te doen,
onderhoud het recht, help de verdrukte,
verdedig de wees, pleit voor de weduwe.
“kom dan – zegt de Heer – laten we het uitpraten :
Al zijn uw zonden rood als scharlaken,
zij zullen wit worden als sneeuw;
al zijn ze als purper zo rood,
ze zullen blank worden als wol.
“Als ge gewillig wilt zijn en luisteren
zult ge het goede der aarde genieten,
maar als ge blijft weigeren en u verzetten
zal het zwaard u verdelgen.”

TUSSENZANG           Ps. 50(49), 8-9, 16bc-17, 21, 23

Wie rechte wegen gaat, die vindt het heil van God.

Ik maak u over offers geen verwijt :
uw offerdieren zie Ik aldoor branden.
Ik wil geen stier meer hebben uit uw huizen
en rammen uit uw schaapskooi vraag Ik niet.

Wat spreekt ge aldoor over mijn geboden
en hebt ge mijn verbond steeds op de tong ?
Gij die van tucht een afkeer hebt
en nimmer acht slaat op mijn woorden.

Zou Ik dan zwijgen als gij zoiets doet ?
Of meent ge soms dat Ik aan u gelijk ben ?
Ik klaag u aan, Ik leg u alles voor.
Wie offers brengt van lof, die eert Mij waarlijk,
wie rechte wegen gaat, die vindt het heil van God.

VERS VOOR HET EVANGELIE                   Ez. 18, 31

Werpt alle overtredingen die gij begaan hebt,
van u weg, zegt de Heer,
en vernieuwt uw hart en uw geest.

EVANGELIE                                 Mt. 23, 1-12

Zelf handelen zij niet naar hun woorden.

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens
Matteüs

In die tijd sprak Jezus tot het volk en tot zijn leerlingen :
“Op de leerstoel van Mozes
hebben de schriftgeleerden en Farizeeën plaats genomen.
“Doet en onderhoudt daarom alles wat zij u zeggen,
maar handelt niet naar hun werken ;
want zelf handelen ze niet naar hun woorden.
“Zij maken bundels van zware,
haast ondraaglijke lasten
en leggen die de mensen op de schouders,
maar zelf zullen ze er geen vinger naar uitsteken.
“Alles wat zij doen
doen zij om bij de mensen op te vallen ;
zij maken immers hun gebedsriemen breed
en hun kwasten groot,
ze zijn belust op de ereplaats bij de maaltijden
en de voornaamste zetels in de synagogen,
ze laten zich graag groeten op de markt
en willen door de mensen rabbi genoemd worden.
“Maar gij moet u geen rabbi laten noemen.
“Gij hebt maar één Meester
en gij zijt allen broeders.
“En noemt niemand van u op aarde ‘vader’;
gij hebt maar één Vader, de hemelse.
“En laat u ook geen ‘leraar’ noemen ;
gij hebt maar één leraar, de Christus.
“Wie de grootste onder u is
moet uw dienaar zijn.
“Alwie zichzelf verheft zal vernederd
en wie zichzelf vernedert zal verheven worden.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Zaterdag in de eerste week van de veertigdagentijd

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
In de eerste lezing wordt de nadruk gelegd op het verbond tussen God en zijn volk: “Zij zullen zijn eigen volk zijn” en “zij zullen een volk zijn dat de Heer is toegewijd”. In het evangelie staan we veel verder dan de solidariteit van een volksgemeenschap. Elke mens is uniek voor God. Zo moet ook elke mens, zelfs de vijand, uniek zijn voor ons. Het ‘Ik zeg u’ van Jezus, is niet mis te verstaan als tegenstelling met vroeger.

EERSTE  LEZING                 Deut. 26, 16-19
Gij zult een volk zijn dat de Heer is toegewijd.

Uit het Boek Deuteronomium

Mozes sprak tot het volk :
“Heden gebiedt de Heer uw God u
deze voorschriften en bepalingen te volbrengen.
“Gij moet ze stipt ten uitvoer brengen,
met heel uw hart en heel uw ziel.
“Gij hebt heden van de Heer de verzekering gekregen,
dat Hij uw God zal zijn,
als gij tenminste zijn wegen gaat,
zijn voorschriften, geboden en bepalingen onderhoudt
en naar Hem luistert.
“En de Heer heeft heden van u de verzekering gekregen,
dat gij, zoals Hij beloofd heeft,
zijn eigen volk zult zijn en al zijn geboden zult onderhouden.
“Daarom zal Hij aan u groter eer, faam en luister schenken
dan aan de andere volken, die Hij geschapen heeft,
en zult ge een volk zijn dat de Heer uw God is toegewijd,
zoals Hij beloofd heeft.”

TUSSENZANG             Ps. 119(118), 1-2, 4-5, 7-8

Gelukkig die voortgaan volgens de wet van de Heer.

Gelukkig degenen wier levensweg rein is,
die voortgaan volgens de wet van de Heer.
Gelukkig die acht slaan op wat Hij verordent,
Hem zoeken met heel hun hart.

Gij hebt uw bevelen gegeven
opdat men ze trouw volbrengt.
Mogen mijn wegen recht zijn,
gericht op wat Gij beschikt.

Ik zal U in alle oprechtheid loven,
aanvaardend wat Gij hebt bepaald.
Aan uw beschikkingen zal ik mij houden ;
laat Gij mij dan niet alleen.

VERS VOOR HET EVANGELIE               Ps. 51(50), 12a en 14a

Schep in mij een zuiver hart, mijn God,
geef mij weer de weelde van uw zegen.

EVANGELIE                    Mt. 5, 43-48
Weest volmaakt, zoals uw Vader in de hemel volmaakt is.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen :
“Gij hebt gehoord dat er gezegd is :
Gij zult uw naaste beminnen en uw vijand haten.
“Maar Ik zeg u :
Bemint uw vijanden en bidt voor wie u vervolgen,
opdat gij kinderen moogt worden van uw Vader in de hemel,
die immers de zon laat opgaan over slechten en goeden
en het laat regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen.
“Want als gij bemint die u beminnen,
wat voor recht op loon hebt gij dan ?
“Doen tollenaars niet hetzelfde ?
“En als gij alleen uw broeder groet,
wat voor buitengewoons doet gij dan ?
“Doen de heidenen dat ook niet ?
“Weest dus volmaakt,
zoals uw Vader in de hemel volmaakt is.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Woensdag van de eerste week in de veertigdagentijd

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
Op diverse plaatsen in het evangelie wordt aan Jezus een teken gevraagd. Zo’n teken moet Hem ondubbelzinnig legitimeren als Messias. Maar Hij weigert zo’n teken. Wie wil zien, kan zien. Wie wil horen, kan horen. Hij noemt zijn toehoorders een verdorven geslacht. De heidenen van Nineve en de heidense koningin van het Zuiden zijn een voorbeeld voor hen. Dit woord wordt tot ons gericht. zien en horen wij wat de Heer ons vraagt?

EERSTE LEZING                Jon. 3, 1-10

De inwoners van Nineve kwamen terug van hun heilloze wegen.

Uit de Profeet Jona

Het woord van de Heer werd
tot Jona gericht :
“Sta op, ga naar Nineve, de grote stad Nineve
en zeg haar aan wat Ik u te zeggen heb gegeven.”
Jona stond op en ging naar Nineve,
zoals de Heer bevolen had.
Nineve was een geweldig grote stad ;
drie dagen had men nodig om er doorheen te trekken.
Jona begon de stad in te gaan, één dagreis ver.
Toen riep hij :
“Veertig dagen nog,
en Nineve wordt met de grond gelijk gemaakt!”
Maar de Ninevieten zochten hun steun bij God ;
zij riepen een vasten uit en allen
van groot tot klein, trokken zij boetekleren aan.
Het woord van Jona kwam ook de koning van Nineve ter ore;
hij stond op van zijn troon, legde zijn staatsiegewaad af,
trok een boetekleed aan en zette zich neer in het stof.
Hij liet in Nineve omroepen :
“Op last van de koning en van zijn rijksgroten !
“Mensen en dieren, grootvee en kleinvee,
zij mogen niets eten,
zij mogen niet grazen en geen water drinken.
“Mensen en dieren moeten zich in boetekleren hullen
en uit alle macht tot God roepen ;
ieder moet terugkomen van zijn heilloze wegen
en van de ongerechtigheid, die aan zijn handen kleeft.
“Wie weet of God dan niet terugkomt op zijn besluit
en daar spijt van krijgt;
wie weet of Hij niet terugkomt op zijn vlammende toorn,
zodat wij niet te gronde gaan.”
En God zag wat zij deden;
Hij zag hoe zij terugkwamen van hun heilloze wegen.
En God kreeg spijt, dat Hij hen met dat onheil bedreigd had.
Hij bracht het niet ten uitvoer.

TUSSENZANG              Ps. 51(50), 3-4, 12-13, 18-19

Wat ik offer, God, is mijn boetvaardigheid,
een vermorzeld en vernederd hart wijst Gij niet af.

God, ontferm U over mij in uw barmhartigheid,
delg mijn zondigheid in uw erbarmen.
Was mijn schuld volkomen van mij af,
reinig mij van al mijn zonden.

Schep in mij een zuiver hart, mijn God,
geef mij weer een vastberaden geest.
Wil mij niet verstoten van uw Aanschijn,
neem uw heilige Geest niet van mij weg.

In geschenken hebt Gij geen behagen,
wat ik U ook bied, Gij wilt het niet.
Wat ik offer, God, is mijn boetvaardigheid,
een vermorzeld en vernederd hart wijst Gij niet af.

VERS VOOR HET EVANGELIE               Ez. 33, 11

Ik heb geen behagen in de dood van de goddeloze,
zegt de Heer,
maar veeleer daarin, dat hij zich bekeert en leeft.

EVANGELIE               Lc. 11, 29-32

Dit geslacht zal geen ander teken gegeven worden dan het teken van Jona.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Lucas

In die tijd,
toen het volk samenstroomde begon Jezus te spreken :
“Dit geslacht is een verdorven geslacht : het verlangt een teken ;
maar geen ander teken zal het gegeven worden
dan het teken van Jona.
“Zoals namelijk Jona een teken werd voor de Ninevieten,
zo zal ook de Mensenzoon het zijn voor dit geslacht.
“De koningin van het Zuiden zal bij het oordeel opstaan
samen met de mensen van dit geslacht;
en zij zal hen veroordelen,
want zij kwam van het uiteinde der aarde
om te luisteren naar de wijsheid van Salomo :
welnu, hier is méér dan Salomo.
“De mensen van Nineve zullen bij het oordeel opstaan
samen met dit geslacht
en zij zullen het veroordelen,
want zij hebben zich bekeerd op de prediking van Jona :
welnu, hier is méér dan Jona.”

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, ©Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Zaterdag na Aswoensdag

 

Overweging
Bekering en vreugde horen samen. We moeten ons bekeren, en deze ommekeer vreugdevol vieren. Ja, we zijn kleine, gebroken mensen, en ja, we bieden soms weerstand wanneer God wegen gaat met ons die we niet willen gaan. Maar we mogen de vreugde proeven omdat Jezus de zonde vergeeft: omdat Hij geduldig naast ons loopt en ons terug bij de Vader brengt wanneer onze wegen doodlopen. Om ons te bevrijden uit onmacht en kleinheid, uit zonde en duisternis, zal Hij zijn leven geven voor ons. Daarom verbinden christenen de vreugde aan een kruis. Is er een grotere paradox denkbaar?

 

EERSTE LEZING           Jes. 58, 9b-14

Wanneer gij niet langer uw voordeel najaagt, zult gij vreugde vinden in de Heer.

Uit de Profeet Jesaja

Zo spreekt God de Heer :
“Wanneer gij uit uw midden de onderdrukking verwijdert
en de dreigende vingers en de kwaadsprekerij,
wanner gij uw hart voor de hongerige opent
en de mistroostige verzadigt,
dan straalt uw licht in de duisternis,
dan wordt uw nacht als de middag.
“Dan zal de Heer u blijven geleiden ;
Hij zal u in dorre streken verzadigen
en aan uw gebeente zal Hij kracht geven.
“Als een gesproeide tuin zult gij dan worden,
als een bron, waarvan het water nooit wegblijgft.
“Dan bouwt gij de oude ruïnes weer op
en herstelt gij de fundamenten van vroeger.
‘De bressendichter’ zal men u noemen,
‘degene die weer leven brengt in de straten’.
“Wanneer gij op de sabbat
geen reis meer onderneemt
en op mijn heilige berg
niet langer uw voordeel najaagt,
wanneer gij de sabbat uw vreugde noemt
en de heilige dag van de Heer eerbiedigt,
wanneer gij die dag in ere houdt
door niet uw zaken na te gaan
en niet uw voordeel te zoeken
en geen handel te drijven,
dan zult gij vreugde vinden in de Heer ;
dan voer Ik u alle bergen van de aarde over
en laat Ik u genieten
van het erfdeel van Jakob, uw vader.”
Waarlijk, door de mond van de Heer
is dit woord gesproken !

TUSSENZANG                            Ps. 86(85), 1-2, 3-4, 5-6

Leer mij uw weg, Heer, om die trouw te volgen.

Aanhoor mijn gebed, Heer, en wil mij verhoren,
ik ben ongelukkig en arm.
Bescherm mij, want U ben ik toegewijd,
draag zorg voor uw dienaar, hij rekent op U.

Mijn God zijt Gij toch, heb erbarmen met mij,
voortdurend roep ik tot U.
Verblijd het hart van uw dienaar, Heer,
ik richt mij tot U vol vertrouwen.

Gij zijt immers goed en genadig, Heer,
barmhartig voor elk die U aanroept.
Luister dan, Heer, naar mijn bidden,
geef acht op mijn smekende stem.

 

VERS VOOR HET EVANGELIE            Ez. 18, 31

Werpt alle overtredingen, die gij begaan hebt,
van u weg, zegt de Heer,
en vernieuwt uw hart en uw geest.

 

EVANGELIE                 Lc. 5, 27-32

Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen te roepen, maar zondaars, opdat ze zich bekeren.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens
Lucas

In die tijd,
bij het tolhuis gekomen, richtte Jezus zijn blik
op een tollenaar die daar zat,
een zekere Levi.
Hij zei tot hem :
“Volg Mij.”
De man stond op, liet alles achter en volgde Hem.
Levi nu bood Hem in zijn huis een groot feestmaal aan,
waarbij onder anderen talrijke tollenaars met hen aanlagen.
De Farizeeën,
met name de schriftgeleerden onder hen,
morden daarover tegen zijn leerlingen :
“Waarom
-zeiden ze –
eet en drinkt gij met tollenaars en zondaars ?”
Maar Jezus nam het woord en sprak :
“Niet de gezonden hebben een dokter nodig maar de zieken.
“Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen te roepen
maar zondaars,
opdat ze zich bekeren.”

 

Maandag H. Scholastica, mgd.

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
De bouw van de tempel is een hoogtepunt in de geschiedenis van Gods aanwezigheid bij zijn volk: uittocht, Sinaï, ark van het verbond, tent van samenkomst, tempel van Jeruzalem. De wolk verbindt dit alles tot een eenheid. Zij was er reeds bij de uittocht; zij is er nu ook om Gods aanwezigheid te accentueren. Ook de aanwezigheid van alle stamhoofden onderlijnt de continuïteit doorheen de geschiedenis. De antwoordpsalm 132 is een passende echo op dit gebeuren.

EERSTE  LEZING                  I Kon.  8, 1-7. 9-13
Zij brachten de ark van het verbond
in
het heilige der heiligen,
en de wolk vulde de tempel van de heer.

Uit het eerste Boek der Koningen

In die dagen riep Salomo de oudsten van Israël,
alle stamhoofden en leiders van de families der Israëlieten,
naar Jeruzalem
om de ark van het verbond met de Heer af te halen
uit de Davidstad, ook Sion geheten.
Zo kwamen alle mannen van Israël samen bij koning Salomo
op het feest in de maand Etanim, dat is de zevende maand.
De oudsten van Israël traden naar voren,
de priesters tilden de ark op
en brachten haar met de tent van samenkomst
en de bijbehorende gewijde voorwerpen over.
Dit deden de priesters, samen met de levieten.
Koning Salomo en heel de gemeenschap van Israël,
die zich rond hem verzameld had,
gingen voor de ark uit en ze offerden zoveel schapen en runderen
dat ze niet te tellen of te schatten waren.
De priesters brachten de ark van het verbond met de Heer
op haar plaats in de achterzaal van de tempel,
het heilige der heiligen, onder de vleugels van de kerubs.
De kerubs spreidden hun beide vleugels uit
over de plaats van de ark
en overschaduwden de ark en de draagstokken.
Er lag in de ark niets anders dan de twee stenen platen
die Mozes erin had gelegd op de Horeb,
de platen van het verbond dat de Heer had gesloten
met de Israëlieten toen ze uit Egypte trokken.
Toen de priesters het heiligdom verlieten
vulde een wolk de tempel van de Heer,
zodat ze niet ter plaatse konden blijven
voor het verrichten van hun dienstwerk,
want de heerlijkheid van de Heer vervulde de tempel van de Heer.
Toen sprak Salomo :
“Heer, Gij hebt besloten in het duister te wonen,
ik heb U dan een verheven tempel gebouwd,
een woonplaats voor eeuwig.”

TUSSENZANG                                                              Ps. 132(131), 6-7, 8-10

Rijs op, Heer, en kom naar uw rustplaats.

Wij hoorden ervan in Efrat
en vonden de ark in Jearims velden.
Laten wij binnengaan waar Hij verblijft,
vallen wij neer voor Gods voetbank.

Rijs op, Heer, en kom naar uw rustplaats,
Gij en de ark van uw majesteit,
uw priesters gekleed in gerechtigheid,
uw heiligen dansend van vreugde.
Omwille van David, uw dienaar,
verstoot uw gezalfde niet.

ALLELUIA                  Mt. 4, 4b

Alleluia.
Niet van brood alleen leeft de mens,
maar van alles wat uit de mond van God voortkomt.
Alleluia.

EVANGELIE                  Mc. 6, 53-56
Allen die Jezus aanraakten werden gezond.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus

In die tijd
staken Jezus en zijn leerlingen het meer over,
bereikten de kust bij Gennésaret en liepen de haven binnen.
Zodra zij uit de boot gestapt waren
herkenden de mensen Hem.
Zij liepen heel de streek af
en men begon de zieken op hun bedden naar de plaats te dragen
waar men hoorde dat Hij was.
Waar Hij maar binnenkwam,
in dorp of stad of gehucht,
legde men de zieken op de pleinen en smeekte Hem
of ze tenminste de zoom van zijn kleed mochten aanraken.
En allen die dit deden werden gezond.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Zaterdag – H. Hiëronymus Emiliani – H. Josephina Bakhita, mgd

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 7 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

Overweging
De leerlingen komen terug van hun zending en verzamelen zich opnieuw rond hun meester. Ze brengen verslag uit over hun ervaringen, hun gedachten, hun reacties op wat zij tegengekomen zijn en op wie zij ontmoetten. Twee kerngedachten nemen we uit het evangelie mee. De eerste is een gewoonte die we ook in ons leven ingang kunnen doen vinden, door ’s avonds even de dag te overlopen en voor te leggen aan Jezus. De tweede is dat we op tijd de rust, de eenzaamheid en verstilling moeten opzoeken. Hoeveel tijd trekken we daarvoor uit per dag, per week ?

EERSTE  LEZING                  I Kon. 3, 4-13

Geef uw dienaar een opmerkzame geest,
om recht te kunnen spreken voor uw volk.

Uit het eerste Boek der Koningen

In die dagen ging koning Salomo naar Gibeon
om daar te offeren,
want dat was de voornaamste offerhoogte.
Duizend brandoffers droeg Salomo op dit altaar op.
In Gibeon verscheen de Heer ’s nachts
in een droom aan Salomo en zei :
“Wat wilt ge dat Ik u geef ?”
Salomo antwoordde :
“Gij hebt uw dienaar, mijn heer David, een grote gunst bewezen.
“Daar hij zijn schreden naar U richtte,
getrouw, rechtschapen en eerlijk jegens U,
hebt Gij hem een zoon gegeven, die nu zetelt op zijn troon.
“Welnu, Heer mijn God,
Gij hebt uw dienaar tot koning verheven
als opvolger van mijn vader David,
hoewel ik maar een jonge man ben
en nog niet weet wat ik doen of laten moet.
“Zo staat uw dienaar te midden van het volk
dat Gij hebt uitverkoren,
een groot volk, zo groot
dat het niet te tellen of te schatten is.
“Geef dus uw dienaar een opmerkzame geest,
om recht te kunnen spreken voor uw volk
en onderscheid te kunnen maken tussen goed en kwaad.
“Want wie is in staat recht te spreken
voor dit grote volk van U ?”
Dit verzoek van Salomo behaagde de Heer.
En God zei tot hem :
“Omdat ge juist dit gevraagd hebt
en niet gevraagd heb om een lang leven
en ook niet om rijkdom
en evenmin om de dood van uw vijanden,
maar omdat ge gevraagd hebt
om inzicht om recht te kunnen spreken,
daarom voldoe Ik aan uw verzoek
en geef Ik u een geest vol wijsheid en begrip,
zoals vóór u niemand ooit heeft gehad
en ook na u niemand zal hebben.
“En ook wat ge niet gevraagd hebt geef Ik u :
rijkdom en aanzien, zoveel
dat geen koning aan u gelijk zal zijn, zolang ge leeft.”

TUSSENZANG                Ps. 119(118), 9-10, 11-12, 13-14

Leer mij, Heer, uw beschikkingen kennen.

Hoe houdt men van jongsaf zijn weg onbedorven ?
Door acht te slaan op uw woord.
Met heel mijn hart richt ik mij tot U :
laat mij niet afwijken van uw geboden.

Uw uitspraken berg ik diep in mijn hart
om niet tegen U te misdoen.
Gij zijt lofwaardig, Heer,
leer mij uw beschikkingen kennen.

Mijn lippen verkondigen allerwegen
wat door uw mond is bepaald.
Mijn vreugde vind ik in wat Gij verordent,
dat is mijn rijkste bezit.

ALLELUIA           cf. Hand. 16, 14b

Alleluia.
Maak ons hart ontvankelijk, Heer,
en dat wij ons richten naar het woord van uw Zoon.
Alleluia.

EVANGELIE                Mc. 6, 30-34

Zij waren als schapen zonder herder.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus

In die tijd
voegden de apostelen zich bij Jezus
en brachten Hem verslag uit
over alles wat zij gedaan en onderwezen hadden.
Daarop sprak Hij tot hen :
“Komt nu eens zelf mee
naar een eenzame plaats om alleen te zijn
en rust daar wat uit.”
Want wegens de talrijke gaande en komende mensen
hadden zij zelfs geen tijd om te eten.
Zij vertrokken dus in de boot naar een eenzame plaats
om alleen te zijn.
Maar velen zagen hen gaan en begrepen waar Hij heenging ;
uit al de steden kwamen mensen te voet daarheen
en ze waren er nog eerder dan zij.
Toen Jezus aan land ging
zag Hij dan ook een grote menigte.
Hij gevoelde medelijden met hen,
want zij waren als schapen zonder herder ;
en Hij begon hen uitvoerig te onderrichten.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overwegingen uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.