Vrijdag H. Andreas, apostel

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.
Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.
Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven.

Overweging

Van de leerlingen die Jezus volgden, oefenden de meesten een zelfstandig beroep uit: Andreas was, zoals zo velen van zijn lotgenoten, een eenvoudig visser. Naar wat over de apostelen geschreven werd, waren zij geen stille, vrome, bezonnen mensen, maar mensen met temperament, met talenten en gebreken, eigengereid en zelfzuchtig, dan weer enthousiast en overtuigend. Wat bij Jezus de doorslag gaf om juist hen te kiezen als leerlingen, was hun openheid naar de wereld, hun durf om te ondernemen, hun vrijmoedige optreden, de eenvoud waarmee zij keken naar het wezenlijke. Op die manier baanden zij de weg voor de Kerk van vandaag. Wil ons getuigenis gehoord worden, dan moeten wij ons blijmoedig toewijden aan Gods zaak, met een kijk op het geheel en het wezenlijke, met de moed en het vertrouwen om mensen tegemoet te gaan, met het enthousiasme om te doen wat van ons gevraagd wordt: de boodschap van het evangelie vrijmoedig verkondigen.

EERSTE LEZING                Rom. 10, 9-18

Het geloof ontstaat door de prediking,
en de prediking geschiedt in opdracht van Christus.

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

Broeders en zusters,

Als uw mond belijdt dat Jezus de Heer is,
en als uw hart gelooft
dat God Hem van de doden heeft opgewekt,
zult gij gered worden.
Het geloof van uw hart brengt de gerechtigheid
en de belijdenis van uw mond het heil.
Zo zegt het de Schrift:
“Niemand die in Hem gelooft zal worden teleurgesteld.”
Er bestaat geen verschil tussen Jood en heiden.
Zij hebben allen dezelfde Heer,
rijk aan gaven voor allen die Hem aanroepen.
Want alwie de naam van de Heer aanroept,
zal gered worden.
Maar hoe kan men Hem aanroepen
zonder in Hem te geloven?
Hoe in Hem geloven
zonder van Hem te hebben gehoord?
Hoe kan men van Hem horen
als niemand Hem verkondigt?
En hoe zullen zij Hem verkondigen
als zij niet zijn gezonden?
Gelijk er geschreven staat:
“Hoe lieflijk zijn de voeten van hen
die het goede nieuws brengen.”
Maar niet allen hebben aan het goede nieuws gehoor gegeven.
Jesaja zegt het reeds:
“Heer, wie heeft geloof geschonken aan onze prediking?”
Zo ontstaat dan het geloof door de prediking
en de prediking geschiedt in opdracht van Christus.
Maar, zo vraag ik,
hebben zij haar misschien niet gehoord?
Toch wel: “Hun geluid heeft zich over de gehele aarde verspreid
en hun woorden weerklonken tot aan de uiteinden der wereld.”

TUSSENZANG                   Ps. 19(18), 2-3, 4-5

Over heel de aarde klinkt hun roep.

De hemel verkondigt Gods heerlijkheid,
het uitspansel toont ons het werk van zijn handen.
De dag roept het toe aan de volgende dag,
de nacht geeft het door aan de nacht.

Geen woord wordt gesproken, geen stem weerklinkt,
geen enkel geluid is te horen ;
toch klinkt over heel de aarde hun roep,
hun boodschap dringt door tot de rand van de wereld.

ALLELUIA                   Mt. 4, 19

Alleluia.
Komt, volgt Mij ;
Ik zal u vissers van mensen maken.
Alleluia.

EVANGELIE              Mt. 4, 18-22

Terstond lieten zij hun netten in de steek en volgden Hem.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

 

Toen Jezus zich eens bij het meer van Galilea ophield,
zag Hij twee broers, Simon die Petrus wordt genoemd
en diens broer Andreas.
Zij waren bezig het net uit te werpen in het meer;
het waren namelijk vissers.
Hij sprak tot hen:
“Komt, volgt Mij;
Ik zal u vissers van mensen maken.”
Terstond lieten zij hun netten in de steek en volgden Hem.
Iets verder zag Hij nog twee broers,
Jakobus, de zoon van Zebedeüs, en diens broer Johannes;
met hun vader Zebedeus waren zij in de boot
de netten een het klaarmaken.
Hij riep hen,
en onmiddellijk lieten zij de boot en hun vader achter
en volgden Hem.

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.
Overweging uit Liturgische suggesties voor de weekdagen.

Gepubliceerd door leopardoel

I am a 90-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: