Woensdag H. Augustinus, b. en krkl.

Inleiding

Gevolg gevend aan de Apostolische exhortatie Evangelii Gaudium van Paus Franciscus, wil deze inleiding U deelgenoot maken aan de vreugde van het evangelie. Iedereen, niemand uitgezonderd, kan die vreugde ervaren door zijn hart open te stellen voor de genezende werking van Gods woord.

Het evangelie is eerst en vooral een uitnodiging om een antwoord te geven aan God die ons liefheeft en redt, door Hem te erkennen in de ander en door uit onszelf te treden om het goede te zoeken voor allen. Het evangelie reikt die eenheid en volheid van het menselijk leven aan, die de beste remedie is tegen alle vormen van kwaad.

Langs deze elektronische weg wordt U uitgenodigd om dagelijks het evangelie te lezen en even na te denken over de betekenis voor uw leven. Het is vanaf 8 uur ‘s morgens steeds ter beschikking.

OVERWEGING

Uit de Belijdenissen van Augustinus: Wie is God? God is God. God is ónze God. U bent de allerhoogste, de allerbeste, de almachtige, de barmhartige, de rechtvaardige. U bent verborgen en toch overal aanwezig. Mooi en sterk. Standvastig en toch ongrijpbaar. U bent onveranderlijk en toch verandert U alles. Altijd bezig en toch rustig. U verenigt en draagt en vervult en beschermt, en U schept en voedt en voltooit en zoekt, hoewel U niets ontbreekt. Met al deze woorden heb ik niets gezegd, mijn God, mijn leven, mijn heilige verrukking. Wat kun je met woorden beginnen als het om U gaat? en toch kan ik niet over U zwijgen!

EERSTE  LEZING                                     I Tess. 2,9-13
Terwijl wij u het evangelie verkondigden,
hebben wij dag en nacht gewerkt.

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Tessalonica
.

Broeders en zusters,

Gij herinnert u onze moeite en inspanning.
Terwijl wij u het evangelie van God verkondigden,
hebben wij dag en nacht gewerkt
om maar niemand van u tot last te zijn.
Met God kunt gij getuigen
hoe vroom en rechtschapen en onberispelijk
wij ons tegenover u, gelovigen, hebben gedragen.
Gij weet het,
als een vader hebben wij ieder van u vermaand en aangemoedigd;
wij hebben u bezworen een leven te leiden, God waardig
die u roept tot de heerlijkheid van zijn koninkrijk.
En daarom danken wij God zonder ophouden,
dat gij het goddelijk woord der prediking
van ons hebt ontvangen en aanvaard:
niet als een woord van mensen maar als wat het inderdaad is:
het woord van God;
en het blijft ook werkzaam in u, die gelooft.

TUSSENZANG                                 Ps. 139(138), 7-8, 9-10, 11-12ab

Gij kent mij, Heer, en Gij doorschouwt mij.

Waar zou ik ooit ontkomen aan uw Geest,
waar zou ik mij voor uw gelaat verbergen?
Al stijg ik naar de hemel op : daar zijt Gij reeds,
al daal ik in het dodenrijk : Gij zijt aanwezig.

Al leen ik ook de vleugels van de dageraad
en strijk ik neer aan gene zijde van de zee :
ook daar is het uw hand die mij blijft leiden,
ook daar houdt Gij mij stevig vast.

En zeg ik: laat het duister mij dan dekken,
laat alle licht verzwolgen worden door de nacht :
dan zal de duisternis voor U niet donker zijn,
de nachten even helder als de dagen ;
voor U zijn licht en duisternis gelijk.

ALLELUIA                                           I Tess. 2, 13

Alleluia.
Ontvangt het goddelijk woord,
niet als een woord van mensen
maar als wat het inderdaad is : het woord van God.
Alleluia.

EVANGELIE                                                Mt. 23, 27-32
Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën,
zonen van profetenmoordenaars.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs
.

In die tijd sprak Jezus:
‘Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars!
Gij lijkt op gekalkte graven die er van buiten wel mooi uitzien,
maar van binnen vol zijn met doodsbeenderen
en allerhande onreinheid.
Zo ziet ook gij van buiten er voor de mensen wel uit als heiligen,
maar van binnen zijt gij vol huichelarij en ongerechtigheid.
Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars!
Gij bouwt de graven van profeten
en versiert de grafmonumenten van heiligen
en gij zegt:
Als wij geleefd hadden in de tijd van onze vaderen,
zouden wij niet medeplichtig geweest zijn
aan de moord op de profeten.
Gij getuigt dus tegen uzelf,
dat gij zonen zijt van profetenmoordenaars.
Nu dan,
maakt gij de maat van uw vaderen maar vol!’

De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007.

Gepubliceerd door leopardoel

I am an 89-years old retired Johnson & Johnson researcher, who wants to spend the rest of his years to the spreading of the gospel in a daily blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: